Airsoft Ronse

wat is airsoft nu eigelijk?

..

 

Wat is airsoft?

 Airsoft is een combat simulatiesport waarbij twee teams of meerdere het tegen elkaar opnemen om missie(s) te volbrengen. Bij airsoft wordt gebruikt gemaakt van 1:1 replica’s van bestaande wapens.

Deze wapens worden replica's of AEG (Automatic Electric Guns) genoemd. Airsoft wordt met 6 mm biologisch afbreekbare balletjes gespeeld, ook genaamd BB's.

Er bestaat een uitgebreid assortiment van de replica's voor de spelers. Deze variatie loopt uit van een klein vuistvuurwapen tot machinegeweer en sluipschuttersgeweren. In de meeste gevallen is er voor bijna elk echt wapen wel een replica te verkrijgen voor airsoft.

Airsoft is een sport die zo realistisch mogelijk gespeeld wordt. Veel teams proberen die mate van realiteit onder andere uit te drukken in hun uitrusting. Zo zijn er teams die bijvoorbeeld het Korps Mariniers nabootsen, maar er zijn ook teams die bijvoorbeeld de US Navy SEALsS.W.A.T. eenheden proberen na te bootsen. Er zijn ook airsoft teams die terug gaan in de tijd met hun uitrusting. Zo zijn er veel airsoft teams die in de stijl van Tweede Wereldoorlog of Vietnamoorlog zijn gekleed.

 Na het airsoften kan je met je vrienden gezellig na praten over wat je allemaal hebt gedaan,en welke missies je hebt moeten uitvoeren. 

een korte geschiedenis

 

 De sport ontwikkelde zich rond het begin van 1970, toen de Daisy Manufacturing Company begon met het maken van luchtdrukgeweren die plastic balletjes schoten, als vervanging van de toenmalige luchtdrukgeweren, die met metalen dan wel loden projectielen schoten. Dit type wapen werd de Soft Air gun genoemd maar sloeg niet aan in Amerika.

Rond 1980 werd de interesse van consumenten in Japan voor deze wapens gewekt, omdat het daar per wet is verboden om privé een vuurwapen in bezit te hebben. Zo konden Japanse wapenliefhebbers toch een wapencollectie opzetten. Verschillende Japanse bedrijven begonnen het systeem van Daisy Manufacturing Company te gebruiken en in te bouwen in hun realistische replica's van wapens. De soft-air of air-soft guns waren geboren

regels

 

 

Belgische Wapenwet

&

Airsoft

1. Inleiding

Ondanks vele misverstanden, visies en miscommunicaties, zijn de airsoftwapens onderworpen

aan de Belgische Wapenwet.

Hierdoor is de verkoop van de airsoftwapens wettelijk geregeld, alsook het bezit, het dragen

van en de transport van airsoftwapens.

Deze tekst werd opgesteld op basis van gegevens beschikbaar gesteld door de Wapen Unie,

UNACT en FOD Justitie, Federale Wapendienst.

2. Algemeen

2.1 Indeling

Onder de Belgische wapenwetgeving worden airsoftwapens ingedeeld onder de categorie vrij verkrijgbare nietvuurwapens.

Het begrip “niet-vuurwapen” wordt gedefinieerd als elk wapen dat één of meerdere projectielen afschiet waarvan de voortstuwing

niet resulteert door de verbranding van poeder of door een detonator.1 Dit onderscheid van de vuurwapens is belangrijk omdat

sommige bepalingen enkel van toepassing zijn op vuurwapens, en andere op alle wapens.

Zo is het bijvoorbeeld verboden om wapens per postorder of via het internet te verkopen aan particulieren.2

Niet-vuurwapens en namaakwapens “waarvoor geen bijzondere regeling geldt” worden net als blanke wapens ingedeeld als vrij

verkrijgbare wapens. Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld paintballwapens, speelgoedwapens, bogen etc.3

Wanneer echter de kinetische energie de 7,5Joule (gemeten op 2,5 meter van de loop) overschrijdt, zijn echter

vergunningsplichtig.4

2.2 Verboden onderdelen en hulpstukken

Artikel 3, §1, 15° verbiedt het beziet van sommige onderdelen en hulpstukken voor wapens, alsook het bezit van

wapens uitgerust met deze hulpstukken.

- geluidsdempers: wapens uitgerust met een geluidsdemper worden als een verdoken wapen beschouwd. Replica

geluidsdempers die geen geluid dempen zijn wel toegestaan;

- laserrichtmiddelen zijn verboden als zij een straal projecteren op een doel. Gewone optische richtmiddelen zoals reddots en

replica lasers (zogenaamde batterijboxen) blijven toegestaan;

- nachtvizier: nachtvizieren zijn verboden, nachtkijkers blijven toegelaten.

2.3 Voorhanden hebben van airsoftwapens

Airsoftwapens mogen zonder verder voorwaarden voorhanden worden gehouden. Er is geen vergunning tot het

voorhanden hebben van een vrij verkrijgbaar wapen vereist.

De opslag is tevens niet aan bijzondere regels onderworpen. 5

Om handel te drijven in airsoftwapens is een erkenning nodig als wapenhandelaar.6 Enkel een erkend persoon mag handel drijven

in airsoftwapens. Het mag dus niet verkocht worden door bijvoorbeeld speelgoedwinkels.

2.4 Verkoop van airsoftwapens

De verkoop van airsoftwapens is niet aan enige formaliteiten onderworpen. Men dient geen model 9 in te vullen.

Het is echter verboden om een airsoftwapen te verkopen aan een particulier jonger dan 18 jaar.7 Het is dus aangeraden om een

identiteitscontrole uit te voeren.

1 Art 2, 12° Wapenwet

2 Art 19, eerste lid, 1° Wapenwet

3 Art 3, §2, 1° Wapenwet

4 Art 48, alinea 1 Wapenwet

5 Art 16 Wapenwet

6 Art 2, 1° Wapenwet

7 Art 19, 1e lid, 2° Wapenwet

Airsoftwapens mogen niet per postorder of via het internet verkocht worden aan particulieren.8 Tevens mag men geen

airsoftwapens verkopen op plaatsen zonder vaste vestiging, zoals markten, kermissen, beurzen en dergelijke zonder toelating van

de Minister van Justitie.

Airsoftwapens mogen verloot worden, of als prijs uitgereikt worden, doch wederom mag het lot niet aan een minderjarige uitgereikt

worden.

Verkoop onder particulieren is toegestaan, doch dit mag niet gebeuren via het internet, aan minderjarigen en mogen tevens niet

opgestuurd worden via de post.

2.5 Bezit van airsoftwapens

De Belgische wapenwet legt geen minimumleeftijd op voor het bezit van airsoftwapens.

Men mag dus gerust airsoftwapens verhuren aan minderjarigen, ongeacht hun leeftijd. AAB raadt echter aan om geen

airsoftwapens te laten gebruiken door jongeren jonger dan 16 jaar.

2.6 Transport van airsoftwapens

Er gelden geen bijzondere wettelijke regels voor het transporteren van airsoftwapens.

AAB raadt echter aan om dezelfde maatregels te nemen tijdens het transport als deze geldend voor vuurwapens. De airsoftwapens

dienen dus onzichtbaar voor andere weggebruikers of voorbijgangers te zijn. Het is van belang dat ze buiten handbereik van de

bestuurder of de passagier van een voertuig worden gehouden. Indien de airsoftwapens binnen handbereik liggen, dan is er sprake

van dracht van de airsoftwapens (zie hierna). In voorkomend geval kan dan eventuele vervolging voor illegale wapendracht worden

ingesteld. Het vervoeren van airsoftwapens die binnen handbereik liggen wordt als verboden wapendracht beschouwd (zie verder).

AAB raadt enkel transport van airsoftwapens aan op volgende routes:

- huis – winkel;

- winkel – huis;

- huis – airsoft gerelateerd evenement;

- airsoft gerelateerd evenement – huis.

Indien met tijdens het transport geconfronteerd wordt met een politie controle, stelt AAB voor te handelen als volgt:

- routine controle (identiteit, boorddocumenten voertuig, alcohol, snelheid,…); niet verplicht te melden dat men een

airsoftwapen vervoert;

- uitgebreide controle (voertuig) of als de politie het/de airsoftwapen(s) kan zien; verplicht te melden dat men (een) vrij

verkrijgbaar niet-vuurwapen(s) vervoert.

AAB raadt tevens aan om airsoftwapens steeds te transporten in een afsluitbare tas, koffer of kist. De laders worden steeds apart

van de airsoftwapens vervoerd.

8 Art 19, 1e lid, 1° Wapenwet

2.7 Gebruik en dragen van airsoftwapens

Airsoftwapens mogen enkel “gedragen” worden mits een wettige reden. Airsoftevenementen kunnen als wettige reden

worden beschouwd.9

Tenslotte zal het gebruik van airsoftwapens bij misdrijven gelijk gesteld worden met het gebruik van echte vuurwapens. In de

meeste gevallen zal dit dus aanleiding geven tot een hogere strafmaat of tot samenloop met het misdrijf van verboden

wapendracht. Het dragen van een airsoftwapen zonder wettige reden maakt het misdrijf van verboden wapendracht uit.

9 Art 3, §2, 2° Wapenwet

3. Volledige tekst van de Wapenwet BS 22 augustus 2008

HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Deze wet zet richtlijn 91/477/EEG van de Raad van 18 juni 1991 betreffende de controle op de verwerving en het voorhanden

hebben van wapens gedeeltelijk om.

Art. 2. Voor de toepassing van deze wet en de uitvoeringsbesluiten ervan wordt verstaan onder:

1° « wapenhandelaar »: « eenieder die voor eigen rekening en gewoonlijk, als hoofdactiviteit of als nevenactiviteit, tegen een

vergoeding of om niet, vuurwapens, onderdelen ervan of munitie ervoor vervaardigt, herstelt, wijzigt, verhandelt of anderszins ter

beschikking stelt »;

2° « tussenpersoon »: « eenieder die, tegen een vergoeding of om niet, de voorwaarden creëert voor het sluiten van een

overeenkomst met als onderwerp de vervaardiging, de herstelling, de wijziging, het aanbod, de verwerving, de overdracht of enige

andere vorm van terbeschikkingstelling van vuurwapens, onderdelen ervan of munitie ervoor, ongeacht de herkomst en de

bestemming ervan en ongeacht of de goederen op het Belgische grondgebied komen, of die een dergelijke overeenkomst sluit

wanneer het vervoer door een derde wordt verricht »;

3° « antipersoonsmijnen, valstrikmijnen en soortgelijke mechanismen »: « ieder tuig dat op of onder enig oppervlak of in de

nabijheid daarvan wordt geplaatst, en ontworpen of aangepast is om te ontploffen of uiteen te spatten door de aanwezigheid of

nabijheid van of het contact met een persoon, al dan niet voorzien van een antihanteermechanisme, dat de mijn beschermt, er

onderdeel van is, verbonden is met, bevestigd aan of geplaatst onder de mijn en dat in werking wordt gesteld wanneer een poging

wordt gedaan de mijn te manipuleren of opzettelijk te ontregelen »;

4° « submunitie »: « alle munitie die zich, om haar functie te vervullen, van een moederbom losmaakt. Dat betreft alle munitie of

explosieve ladingen die bedoeld zijn om op een bepaald ogenblik te ontploffen nadat zij zijn gelanceerd of uitgestoten uit een

moederbom met verspreidingsmunitie, met uitzondering van:

-verspreidingssystemen die alleen rook- of lichtmunitie bevatten, of munitie die uitsluitend bestemd is om als elektrisch of

elektronisch afweermiddel te dienen;

- systemen met meervoudige munitie die alleen bedoeld is om pantservoertuigen te doorboren en te vernietigen, die uitsluitend met

die doelstelling kunnen worden ingezet zonder dat ze gevechtszones kunnen bestrijken zonder enig onderscheid, meer bepaald

doordat hun traject en hun doelwit moeten worden gecontroleerd, en die in voorkomend geval uitsluitend kunnen exploderen op

het ogenblik dat ze inslaan en in ieder geval niet kunnen exploderen louter door het contact met, de aanwezigheid of de nabijheid

van een persoon »;

5° « blindmakend laserwapen »: « wapen ontworpen of aangepast met als enig doel of onder meer als doel om door middel van

lasertechnologie mensen permanent blind te maken »;

6° « brandwapen »: « elk wapen of elk stuk munitie dat in de eerste plaats is ontworpen om objecten in brand te steken of

brandwonden toe te brengen aan personen via de inwerking van vlammen, hitte of een combinatie daarvan, voortgebracht door

een chemische reactie van een op het doel gebrachte stof »;

7° « spring- of valmes met slot »: « mes waarvan het lemmet door een mechanisme of door de zwaartekracht uit het heft wordt

gebracht en automatisch wordt geblokkeerd »;

8° « vlindermes »: « een mes, waarvan het heft in de lengterichting in tweeën is gedeeld en waarvan het lemmet naar buiten wordt

gebracht door elk van de delen van het heft in tegenovergestelde richting zijdelings open te vouwen »;

9° « namaakwapen »: « al dan niet inerte natuurgetrouwe imitatie, replica of kopie van een vuurwapen »;

10° « lang wapen »: « wapen waarvan de looplengte meer dan 30 cm bedraagt of waarvan de totale lengte meer dan 60 cm

bedraagt »;

11° « vouwgeweer »: « wapen waarvan de loop, door volledig te draaien rond een as, langsheen de kolf komt, zodat de lengte van

het wapen is herleid tot de helft ervan, waardoor het aldus gemakkelijk kan worden verborgen onder de kledij »;

12° « niet-vuurwapen »: « elk wapen dat één of meerdere projectielen afschiet waarvan de voortstuwing niet resulteert door de

verbranding van poeder of door een detonator »;

13° « blank wapen »: « elk wapen voorzien van één of meerdere klingen die één of meerdere [snedes] hebben »;

14° « werpmes »: « mes waarvan het bijzonder evenwicht toelaat met precisie te werpen »;

15° « nunchaku »: « vlegel bestaande uit twee korte onbuigzame stokjes die met elkaar verbonden zijn door een ketting of een

ander middel »;

16° « werpster »: « metalen plaatje in de vorm van een ster en met scherpe punten, dat kan worden verborgen en ook « shuriken

» wordt genoemd »;

17° « jachtverlof »: « een document dat het recht verleent om de jacht te beoefenen en dat is afgeleverd door of namens de

gewestelijke overheden bevoegd voor de jacht, of een gelijkwaardig document afgeleverd in een andere lidstaat van de Europese

Unie, of een door de minister van Justitie erkend document afgeleverd in een andere staat »;

18° « sportschutterslicentie »: « een document dat het recht verleent om de schietsport te beoefenen en dat is afgeleverd door of

namens de gemeenschapsoverheden bevoegd voor sport, of een gelijkwaardig document afgeleverd in een andere lidstaat van de

Europese Unie of een door de minister van Justitie erkend document afgeleverd in een andere staat »;

19° « schietstand »: « een schietinstallatie voor vuurwapens, al dan niet gelegen in een gesloten lokaal »;

20° « munitie »: « een geheel bestaande uit een huls, een [slaghoedje], een kruitlading en een of meer projectielen »;

21° « automatisch vuurwapen »: « enig vuurwapen dat, na elk afgevuurd schot, zich automatisch herlaadt en dat met een druk op

de trekker, een salvo van meerdere schoten kan afvuren »;

[22° « verblijfplaats »: « de belangrijkste verblijfplaats die iemand in België heeft, met uitsluiting van de plaatsen waar wapens

worden bewaard en die de betrokkene deelt met derden »;

[23° « loop »: « onderdeel van een wapen, bestaande uit de holte waarlangs het projectiel voorbijkomt, al dan niet met trekken, en

gewoonlijk een kamer waarin het projectiel wordt ingebracht »;

[24° « revolver »: « kort vuurwapen met rotatiemagazijn of trommel met een of meerdere kamers. De kamers komen

achtereenvolgens voor de loop te staan door druk op de trekker of bij rechtstreekse wapening, door druk van de duim op de haan

van het wapen »;

[25° « pistool »: « kort vuurwapen waarbij de uitwerping van de huls, de invoering van de nieuwe patroon en het vergrendelen

automatisch gebeurt na het vertrekken van het schot, dankzij de energie die ontstaat door de ontploffing van de kruitlading of door

de verbrandingsgassen. De schutter moet de trekker loslaten en opnieuw drukken om een nieuw schot af te vuren ».

[26° « repeteerwapen »: « vuurwapen dat projectielen één per één afvuurt bij iedere druk op de trekker, doch waarbij de schutter

het wapen manueel dient te herbewapenen, met een hefboom, een grendel of een pomp ».

13° en 20° gewijzigd door art. 2 W 25.VII.2008

22° - 26° ingevoegd door art. 2 W 25.VII.2008

HOOFDSTUK II. - Indeling van de wapens

Art. 3. § 1. Als verboden wapens worden beschouwd:

1° antipersoonsmijnen, valstrikmijnen en soortgelijke mechanismen, en blindmakende laserwapens;

2° brandwapens;

3° wapens ontworpen voor uitsluitend militair gebruik, zoals automatische vuurwapens, lanceertoestellen, artilleriestukken, raketten,

wapens die gebruik maken van andere vormen van straling dan die bedoeld onder het 1°, munitie die specifiek is ontworpen voor

die wapens, bommen, torpedo's en granaten;

4° submunitie;

5° spring- of valmessen met slot, vlindermessen, boksbeugels en blanke wapens die uiterlijk gelijken op een ander voorwerp;

6° degenstokken en geweerstokken die geen historische sierwapens zijn;

7° knotsen en wapenstokken;

8° vuurwapens waarvan de kolf of de loop op zich in verschillende delen kan worden uiteengenomen, vuurwapens die zodanig zijn

vervaardigd of gewijzigd dat het dragen ervan niet of minder zichtbaar is dan wel dat hun technische eigenschappen niet meer

overeenstemmen met die van het model zoals omschreven in de vergunning tot het voorhanden hebben ervan en vuurwapens die

uiterlijk gelijken op een ander voorwerp dan een wapen;

9° draagbare tuigen waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos kunnen worden gemaakt of pijn kan worden

toegebracht, met uitzondering van medische of diergeneeskundige hulpmiddelen;

10° voorwerpen bestemd voor het treffen van personen met giftige, verstikkende, traanverwekkende en soortgelijke stoffen, met

uitzondering van medische hulpmiddelen;

11° vouwgeweren boven kaliber 20;

12° werpmessen;

13° nunchaku's;

14° werpsterren;

15° vuurwapens uitgerust met de volgende onderdelen en hulpstukken, evenals de volgende onderdelen en hulpstukken

afzonderlijk:

- geluiddempers;

- laders met een grotere capaciteit dan de normale capaciteit zoals bepaald door de minister van Justitie voor een bepaald model

vuurwapen;

- richtapparatuur voor vuurwapens, die een straal projecteert op het doel [en nachtkijkers];

- mechanismen die toelaten een vuurwapen om te vormen tot een automatisch vuurwapen;

16° door de ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken aangewezen tuigen, wapens en munitie die een [nieuwe] ernstige

bedreiging voor de openbare veiligheid kunnen vormen en wapens en munitie die om die reden alleen de diensten bedoeld in artikel

27, § 1, tweede en derde lid, voorhanden mogen hebben;

17° voorwerpen en stoffen die niet als wapen zijn ontworpen, maar waarvan, gegeven de concrete omstandigheden, duidelijk is dat

degene die ze voorhanden heeft, draagt of vervoert, ze wenst te gebruiken voor het toebrengen van lichamelijk letsel aan of het

bedreigen van personen.

[18° inerte munitie en bepantsering die verarmd uranium of elk ander industrieel uranium bevatten.].

15° en 16° gewijzigd door art. 3 W 25.VII.2008

18° ingevoegd door artikel 1 van de Wet van 11 mei 2007 tot aanvulling van de wapenwet wat betreft het verbod op

wapensystemen met verarmd uranium, B.S., 20 juni 2007

§ 2. Als vrij verkrijgbare wapens worden beschouwd:

1° de blanke wapens, de niet-vuurwapens en de namaakwapens waarvoor geen bijzondere regeling geldt;

2° de vuurwapens met een historische, folkloristische of decoratieve waarde zoals bepaald door de Koning. Indien dergelijke

vuurwapens buiten het kader van historische of folkloristische manifestaties voor het schieten worden bestemd, worden zij echter

beschouwd als vergunningsplichtige vuurwapens;

3° de vuurwapens die, in overeenstemming met de regels vastgesteld door de Koning, definitief voor het schieten onbruikbaar zijn

gemaakt;

4° de vuurwapens die ontworpen zijn voor het geven van alarm of signalen, reddingsactiviteiten, slachten van dieren of visserij met

harpoenen, of bestemd zijn voor industriële of technische doeleinden, mits zij alleen voor dat welbepaalde gebruik kunnen worden

aangewend, in overeenstemming met regels vastgesteld door de Koning. Artikel 5 is niet van toepassing op deze wapens.

§ 3. Als vergunningsplichtige wapens worden beschouwd:

1° alle overige vuurwapens;

2° andere wapens die [na advies van de in artikel 37 bedoelde Adviesraad]door de Koning bij deze categorie worden ingedeeld.

2° gewijzigd door art. 3 W 25.VII.2008

HOOFDSTUK III. - Nationaal identificatienummer

Art. 4. Alle in België gefabriceerde of ingevoerde vuurwapens dienen ingeschreven te worden in een centraal

wapenregister, waar deze wapens een uniek identificatienummer toegewezen krijgen.

HOOFDSTUK IV. - Erkenning van wapenhandelaars, tussenpersonen, wapenverzamelaars en alle andere personen

die een beroep uitoefenen dat het voorhanden hebben van vuurwapens impliceert

Art. 5. § 1. Niemand mag op het Belgisch grondgebied activiteiten als wapenhandelaar of als tussenpersoon

uitoefenen, of zich als dusdanig bekend maken, zonder daartoe vooraf te zijn erkend door de gouverneur bevoegd

voor de vestigingsplaats.

Indien de aanvrager als wapenhandelaar is erkend in een andere lidstaat van de Europese Unie, houdt de gouverneur bij de

beoordeling van de erkenningaanvraag rekening met de waarborgen verstrekt in dat kader.

De personen die deze activiteiten uitoefenen onder gezag, leiding en toezicht van een erkend wapenhandelaar en in zijn

vestigingsplaats, moeten echter niet worden erkend. De gouverneur gaat echter na of ze, bij de aanvraag om erkenning van hun

werkgever of bij hun indiensttreding, voldoen aan § 4.

De erkende wapenhandelaar brengt elke indiensttreding van een persoon bedoeld in het derde lid binnen de maand ter kennis van

de gouverneur.

§ 2. De aanvrager moet zijn beroepsbekwaamheid bewijzen voor de activiteit die hij wenst uit te oefenen en de

herkomst van de voor zijn activiteit aangewende financiële middelen aantonen op de wijze bepaald door de Koning.

De gouverneur brengt elke aanwijzing van een inbreuk ter kennis van de bevoegde procureur des Konings.

De vereiste beroepsbekwaamheid heeft betrekking op de kennis van de na te leven regelgeving en van de beroepsdeontologie, en

van de techniek en het gebruik van wapens.

§ 3. De gouverneur doet uitspraak over de aanvraag om erkenning na ontvangst van het met redenen omkleed

advies van de procureur des Konings en van de burgemeester bevoegd voor de vestigingsplaats en voor de

woonplaats van de aanvrager.

De erkenning kan alleen worden geweigerd om redenen die verband houden met de handhaving van de openbare orde. Elke

beslissing tot weigering vanwege de gouverneur moet met redenen omkleed zijn.

§ 4. Niettemin zijn de aanvragen van volgende personen onontvankelijk:

1° personen die tot een criminele straf veroordeeld zijn of geïnterneerd zijn krachtens de wet van 9 april 1930 tot bescherming van

de maatschappij tegen abnormale, gewoontemisdadigers en plegers van bepaalde sexuele strafbare feiten of met een beslissing die

een behandeling in een ziekenhuis beveelt, zoals bedoeld door de wet van 26 juni 1990 betreffende de bescherming van de persoon

van de geesteszieke overeenstemt;

2° personen die als dader of medeplichtige veroordeeld zijn wegens een van de misdrijven bepaald in:

a) [deze wet, de in artikel 47 bedoelde wet en de besluiten ter uitvoering ervan];

b) de artikelen 101 tot 135quinquies, [136bis tot 140], 193 tot [226], 233 tot 236, [246 tot 249], 269 tot [282], 313, 322 tot

[331bis], 336, 337, […], 347bis, [372 tot 377], 392 tot [410], [417ter tot 417quinquies], 423 tot [442ter], 461 tot [488bis], [491 tot

505], 510 tot 518, 520 tot 525, [528 tot 532bis] et [538 tot 541] van het Strafwetboek;

c) de artikelen 17, 18, 29 tot 31 en 33 tot 41 van het Militair Strafwetboek;

d) de artikelen 33 tot 37 en 67 tot 70 van het Tucht- en Strafwetboek voor de koopvaardij en de zeevisserij;

e) de wet van 29 juli 1934 waarbij de private milities verboden worden;

f) de wet van 28 mei 1956 betreffende de ontplofbare en voor de deflagratie vatbare stoffen en mengsels en de daarmee geladen

tuigen en in de besluiten tot uitvoering ervan;

g) de wet van 11 september 1962 betreffende de in, uit- en doorvoer van goederen en de daaraan verbonden technologie en in de

besluiten tot uitvoering ervan;

h) […]de wet van 10 april 1990 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid;

i) […]de wet van 19 juli 1991 tot regeling van het beroep van privédetective;

j) de wet van 5 augustus 1991 betreffende de in, uit- en doorvoer van en de bestrijding van illegale handel in wapens, munitie en

speciaal voor militair gebruik of voor ordehandhaving dienstig materieel en de daaraan verbonden technologie;

[k) de regelgeving betreffende de jacht- en het sportschieten.]

3° rechtspersonen die zelf zijn veroordeeld en rechtspersonen waarvan een bestuurder, een zaakvoerder, een commissaris of

aangestelde voor het beheer of het bestuur, is veroordeeld of onderworpen aan een veiligheidsmaatregel in omstandigheden als

bedoeld in 1° en 2° hierboven;

4° de personen die in het buitenland:

a) zijn veroordeeld tot een straf die met internering overeenstemt;

b) het voorwerp hebben uitgemaakt van een maatregel die met internering of met een beslissing die een behandeling in een

ziekenhuis beveelt, zoals bedoeld door de wet van 26 juni 1990 betreffende de bescherming van de persoon van de geesteszieke

overeenstemt;

c) als dader of mededader zijn veroordeeld wegens een van de misdrijven die in het 1° en 2° zijn bepaald;

5° minderjarigen en verlengd minderjarigen;

6° onderdanen van Staten die geen lid zijn van de Europese Unie en de personen die hun hoofdverblijfplaats niet hebben in een

lidstaat van de Europese Unie.

2° gewijzigd door art. 4 W 25.VII.2008

§ 5. De gouverneur kan, in geval van fusie, splitsing, inbreng van een algemeenheid of van een bedrijfstak of

wijziging van de rechtspersoonlijkheid, bepalen dat de nieuwe juridische entiteit, mits zij de door hem bepaalde

voorwaarden in acht neemt, gedurende de periode voorafgaand aan de notificatie van de beslissing betreffende de

erkenningaanvraag, de activiteiten van de initieel erkende onderneming kan voortzetten.

Art. 6. § 1. De natuurlijke personen en privaatrechtelijke rechtspersonen die een museum of een verzameling van

meer dan [vijf] vergunningsplichtige vuurwapens of van munitie wensen aan te leggen zonder voor elk bijkomend

wapen een vergunning in overeenstemming met artikel 11 te moeten bekomen, moeten in overeenstemming met

artikel 5, § 3 en 4, daartoe worden erkend door de gouverneur bevoegd voor de vestigingsplaats. De Koning bepaalt

de inhoudelijke voorwaarden waaraan de verzameling moet voldoen en de bijzondere in acht te nemen technische voorzorgen

indien de wapens ontwikkeld zijn na 1945.

gewijzigd door art. 5 W 25.VII.2008

§ 2. De Koning bepaalt de voorwaarden waaronder de gouverneur bevoegd voor de vestigingsplaats bijzondere

erkenningen kan verlenen aan personen die beroepsmatige activiteiten van wetenschappelijke, culturele of nietcommerciële

aard met vuurwapens uitoefenen.

Art. 7. § 1. De erkenning kan worden beperkt tot bepaalde verrichtingen of tot bepaalde soorten wapens en munitie.

§ 2. De erkenning kan, volgens een procedure bepaald door de Koning en bij beslissing van de gouverneur, worden

geschorst voor een periode van één maand tot zes maanden, ingetrokken, beperkt tot bepaalde verrichtingen of tot

bepaalde soorten wapens of munitie, of beperkt tot een bepaalde duur, indien de houder:

1° behoort tot de categorieën genoemd in artikel 5, § 4;

2° de bepalingen van deze wet en de besluiten tot uitvoering ervan of de beperkingen van § 1 niet in acht neemt;

3° de erkenning op grond van onjuiste inlichtingen heeft verkregen;

4° gedurende een jaar de activiteiten waarop de erkenning betrekking heeft, met uitzondering van deze bedoeld in artikel 6, niet

heeft uitgeoefend;

5° activiteiten uitoefent die door het feit dat zij worden uitgeoefend samen met de activiteiten waarvoor de erkenning is verkregen,

de openbare orde kunnen verstoren.

HOOFDSTUK V. - Handelingen met verboden wapens

Art. 8. Niemand mag verboden wapens vervaardigen, herstellen, te koop stellen, verkopen, overdragen of

vervoeren, opslaan, voorhanden hebben of dragen.

In geval van inbreuk op het vorige lid worden de wapens in beslag genomen, verbeurd verklaard en vernietigd, zelfs indien zij niet

aan de veroordeelde toebehoren.

[Eveneens verboden is de financiering van een onderneming naar Belgisch recht of naar buitenlands recht, met als activiteit de

vervaardiging, het gebruik, het herstel, het te koop stellen, het verkopen, het uitdelen, invoeren of uitvoeren, het opslaan of

vervoeren van antipersoonsmijnen en/of submunitie in de zin van deze wet, en met het oog op de verspreiding ervan.

De Koning zal met dit doel, ten laatste op de eerste dag van de dertiende maand volgend op de maand waarin deze wet wordt

bekendgemaakt, een publieke lijst opstellen

i) van de ondernemingen waarvan is aangetoond dat zij een activiteit bedoeld in het vorige lid uitoefenen;

ii) van de ondernemingen die voor meer dan de helft aandeelhouder zijn van een onderneming bedoeld in i) en;

iii) van de instellingen voor collectieve belegging die houder zijn van financiële instrumenten van een onderneming bedoeld in i) en

ii).

Hij bepaalt eveneens de nadere regels voor de publicatie van deze lijst.

Met financiering van een in de lijst opgenomen onderneming worden alle vormen van financiële steun bedoeld, namelijk kredieten,

bankgaranties alsook het verwerven voor eigen rekening van de door de onderneming uitgegeven financiële instrumenten.

Als een onderneming waarvoor al een financiering is toegekend, opgenomen is in de lijst, dient deze financiering volledig te worden

stopgezet voor zover dit contractueel mogelijk is.

Dit verbod is niet van toepassing op beleggingsinstellingen waarvan het beleggingsbeleid, in overeenstemming met hun statuten of

beheersreglement, tot doel heeft de samenstelling te volgen van een welbepaalde aandelen- of obligatie-index.

Het financieringsverbod geldt evenmin voor welomschreven projecten van een op de lijst voorkomende onderneming, voor zover de

financiering geen van de activiteiten beoogt als vermeld in dit artikel. De onderneming dient dit in een schriftelijke verklaring te

bevestigen.]

Ingevoegd door artikel 2 Wet van 20 maart 2007 betreffende het verbod op de financiering van de productie, gebruik en bezit van

antipersoonsmijnen en submunitie, B.S., 26 april 2007

HOOFDSTUK VI. - Handelingen met vrij verkrijgbare wapens

Art. 9. Het dragen van een vrij verkrijgbaar wapen is alleen toegestaan aan diegene, die daartoe een wettige reden

kan aantonen.

HOOFDSTUK VII Handelingen met vergunningsplichtige wapens

Art. 10. Niemand mag een vergunningsplichtig vuurwapen verkopen of overdragen dan aan de in overeenstemming

met de artikelen 5 en 6 erkende personen of aan hen die houder zijn van de in artikel 11 bedoelde vergunning.

Elk verlies of diefstal van een vergunningspichtig wapen moet onverwijld worden gemeld aan de lokale politie door de houder van

de titel tot het voorhanden hebben.

Art. 11. § 1. Zonder een voorafgaande vergunning, verleend door de gouverneur bevoegd voor de verblijfplaats van

de verzoeker, is het particulieren verboden een vergunningsplichtig vuurwapen of de daarbij horende munitie

voorhanden te hebben. Deze vergunning kan slechts worden verleend na advies, binnen drie maanden na de aanvraag, van de

korpschef van de lokale politie van de verblijfplaats van de verzoeker. De beslissing moet met redenen worden omkleed. De

vergunning kan worden beperkt tot het voorhanden hebben van het wapen zonder munitie en ze is slechts geldig voor één wapen.

Indien blijkt dat het voorhanden hebben van het wapen de openbare orde kan verstoren of de wettige reden ingeroepen om de

vergunning te bekomen, niet meer bestaat, kan de gouverneur bevoegd voor de verblijfplaats van de betrokkene de vergunning

volgens een door de Koning bepaalde procedure bij een met redenen omklede beslissing beperken, schorsen of intrekken na het

advies te hebben ingewonnen van de procureur des Konings bevoegd voor deze verblijfplaats.

§ 2. Indien de verzoeker in België geen verblijfplaats heeft, wordt de vergunning verleend door de minister van

Justitie in overeenstemming met de procedure voorzien door de wet van 11 december 1998 betreffende de

classificatie en de veiligheidsmachtigingen, veiligheidsattesten en veiligheidsadviezen en kan zij worden beperkt tot

het voorhanden hebben van het wapen zonder munitie.

Indien de verzoeker verblijft in een andere lidstaat van de Europese Unie, mag de vergunning niet worden verleend zonder

voorafgaand akkoord van die staat. Indien de vergunning wordt verleend, wordt die staat daarvan op de hoogte gesteld.

Indien blijkt dat het voorhanden hebben van het wapen de openbare orde kan verstoren of de wettige reden ingeroepen om de

vergunning te bekomen, niet meer bestaat, kan de minister van Justitie, na advies van de Veiligheid van de Staat, de vergunning

beperken, schorsen of intrekken. Deze beslissing moet met redenen zijn omkleed. De Staat waar de persoon die het wapen

voorhanden heeft verblijft, wordt op de hoogte gebracht van de beslissing.

§3. De vergunning wordt slechts verleend aan personen die voldoen aan de volgende voorwaarden:

1° meerderjarig zijn;

2° niet zijn veroordeeld als dader of medeplichtige wegens een van de misdrijven bedoeld in artikel 5, § 4, 1° tot 4°;

3° niet het voorwerp zijn geweest van een beslissing die een behandeling in een ziekenhuis beveelt, zoals bedoeld in de wet van 26

juni 1990 betreffende de persoon van de geesteszieke;

4° niet geïnterneerd zijn geweest met toepassing van de wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen

abnormale, gewoontemisdadigers en plegers van bepaalde seksuele strafbare feiten;

5° niet het voorwerp zijn van een lopende schorsing en niet het voorwerp geweest zijn van een intrekking met nog actuele redenen,

van een vergunning tot het voorhanden hebben van of het dragen van een wapen;

6° een medisch attest voorleggen dat bevestigt dat de aanvrager in staat is een wapen te manipuleren zonder gevaar voor zichzelf

of voor anderen;

7° slagen voor een proef betreffende de kennis van de toepasselijke regelgeving en het hanteren van een vuurwapen, waarvan de

modaliteiten worden bepaald door de Koning bij een in Ministerraad overlegd besluit;

8° geen meerderjarige persoon samenwonend met de aanvrager verzet zich tegen de aanvraag;

9° een wettige reden opgeven voor de verwerving [en het voorhanden hebben] van het betrokken wapen en de munitie.

Het type wapen moet overeenstemmen met de reden waarvoor het gevraagd wordt. Deze wettige redenen zijn, onder de door de

Koning bij in Ministerraad overlegd besluit te bepalen voorwaarden:

a) de jacht en faunabeheeractiviteiten;

b) het sportief en recreatief schieten;

c) [de uitoefening van een activiteit die bijzondere risico’s inhoudt of het voorhanden hebben van een vuurwapen noodzakelijk

maakt];

d) de persoonlijke verdediging van personen die een objectief en groot risico lopen en die aantonen dat het voorhanden hebben van

een vuurwapen dit groot risico in grote mate beperkt en hen kan beschermen;

e) de intentie een verzameling historische wapens op te bouwen;

f) de deelname aan historische, folkloristische, culturele of wetenschappelijke activiteiten.

[Zijn echter onontvankelijk, de aanvragen ingediend door personen die niet voldoen aan de voorwaarden van 1° tot 4°, 6° en 8°,

evenals zij die geen wettige reden opgeven zoals voorzien in de bepaling onder 9°]

§ 4. § 3, 3° tot 6° en 8°, zijn niet van toepassing op rechtspersonen die de wapens wensen te verwerven voor

beroepsdoeleinden.

Van het theoretisch gedeelte van de proef bedoeld in , zijn vrijgesteld, zij die deze proef al eerder met succes hebben afgelegd, bij

de aanvraag van een eerdere vergunning. Zij dienen deze proef echter wel opnieuw af te leggen indien er na het afleggen van de

vorige proef een tijdspanne van twee jaar verstreken is.

Van het praktisch gedeelte van de proef bedoeld in , zijn vrijgesteld:

1° de aanvrager die al een door de Koning bepaalde ervaring met het gebruik van vuurwapens heeft;

2° de aanvrager van een vergunning tot het voorhanden hebben van een wapen met uitsluiting van munitie;

3° de aanvrager van een vergunning tot het voorhanden hebben van een niet-vuurwapen dat krachtens deze wet

vergunningsplichtig is;

4° de aanvrager die zijn verblijfplaats in het buitenland heeft.

[De houders van een geldig jachtverlof zijn bovendien vrijgesteld van de theoretische proef bedoeld in paragraaf 3, 7°, en van de

daar bedoelde praktische proef voor zover hun aanvraag betrekking heeft op een wapen als bedoeld in artikel 12, eerste lid, 1°.]

[Hetzelfde geldt voor de houders van een geldige sportschutterslicentie, voor zover hun aanvraag betrekking heeft op een wapen

van hetzelfde type als een wapen waarvoor ze al een praktische proef hebben afgelegd in het raam van de verkrijging van hun

licentie. Zij zijn bovendien vrijgesteld van het in paragraaf 3, 6°, bedoelde medisch attest.]

[Worden eveneens vrijgesteld van dit medisch attest, zij die een vergunning aanvragen en zich hierbij beroepen op de in paragraaf

3, 9°, e) en f) bedoelde wettige redenen.]

Bij arrest nr. 2007/154 van 19 december 2007 (B.S., 23 januari 2008) heeft het Grondwettelijk Hof artikel 11, §3, 9° vernietigd in

zoverre het het behoud van een legaal voorhanden wapen in een vermogen niet vermeldt als een wettige reden wanneer de

aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning tot het voorhanden hebben van een wapen betrekking heeft op een

vergunningsplichtig wapen zonder munitie, waarvoor de vergunning tot het voorhanden hebben ervan was verleend of waarvoor

een vergunning tot het voorhanden hebben ervan niet was vereist (zie B.S., 23 januari 2008)

§§3 en 4 gewijzigd door art. 6 W 25.VII.2008

[Art. 11/1. Een vergunning tot het voorhanden hebben wordt ook afgegeven aan de personen die wensen een wapen in hun

vermogen te behouden, waarvoor een vergunning was afgegeven of waarvoor geen vergunning vereist was voor de

inwerkingtreding van deze wet.

Deze vergunning is slechts geldig voor het eenvoudig voorhanden hebben van het wapen, met uitsluiting van munitie.

Artikel 11, §3, 6°, 7° en 9°, is niet van toepassing op de in het eerste lid bedoelde personen.]

ingevoegd door art. 7 W 25.VII.2008

[Art. 11/2. Eenieder die een wapen voorhanden heeft, dat krachtens deze wet vergunningsplichtig is geworden en een in artikel

11/1 bedoelde vergunning wenst aan te vragen, moet de aanvraag binnen de twee maanden na de inwerkingtreding van dit artikel

indienen.

De erfgenaam die bewijst dat hij een wapen in zijn vermogen heeft ontvangen, dat wettig voorhanden werd gehouden door de

overledene, kan, binnen twee maanden nadat hij het wapen in bezit heeft gekregen, een in artikel 11/1 bedoelde vergunning

aanvragen.

De particulier die een wapen heeft verkregen onder de voorwaarden van artikel 12 en waarvan het jachtverlof, de

sportschutterslicentie of het gelijkgesteld document is vervallen, en die de in artikel 11/1 bedoelde vergunning wenst te verkrijgen,

moet een aanvraag indienen binnen twee maanden na het verstrijken van de in artikel 13, tweede lid, bedoelde termijn.]

ingevoegd door art. 8 W 25.VII.2008

Art. 12. Artikel 11 is niet van toepassing op:

1° [houders van een jachtverlof, die lange wapens daar toegelaten waar het jachtverlof geldig is, evenals de daarbij horende

munitie mogen voorhanden hebben, op voorwaarde dat hun strafrechtelijke antecedenten, hun kennis van de wapenwetgeving en

hun geschiktheid om veilig een vuurwapen te hanteren vooraf zijn nagegaan;]

2° houders van een sportschutterslicentie, die vuurwapens ontworpen voor het sportschieten en waarvan de lijst wordt vastgesteld

door de minister van Justitie, en de daarbij horende munitie mogen voorhanden hebben, op voorwaarde dat hun strafrechtelijke

antecedenten, hun kennis van de wapenwetgeving en hun geschiktheid om veilig een vuurwapen te hanteren vooraf zijn nagegaan;

3° houders van een geldige Europese vuurwapenpas afgeleverd in een andere lidstaat van de Europese Unie, die de daarop

vermelde wapens en munitie tijdelijk mogen voorhanden hebben in België;

4° op bijzondere wachters die lange vuurwapens als bedoeld in de artikelen 62 en 64 van het Veldwetboek en de daarbij horende

munitie mogen bezitten in het kader van de uitoefening van de activiteiten die hen werden toegewezen door de regionale

overheden en die volgens deze overheden het gebruik van een wapen vereisen, onverminderd de vereisten gesteld in het

Veldwetboek en zijn uitvoeringsbesluiten.

[5° meerderjarige particulieren die hoogstens één keer per jaar een vergunningsplichtig wapen voorhanden hebben op een erkende

schietstand onder de voorwaarden zoals bepaald door de Koning.]

De personen bedoeld in het eerste lid, 1°, 2° en 3° mogen eveneens schieten met wapens die rechtmatig voorhanden worden

gehouden door derden.

De Koning bepaalt de nadere regels van de registratie van de overdracht en het voorhanden hebben van de vuurwapens en de

munitie bedoeld in dit artikel.

eerste lid, 1° gewijzigd en 5° ingevoegd door art. 9 W 25.VII.2008

Art. 12/1. Houders van een jachtverlof, een sportschutterslicentie en een vergunning tot het voorhanden hebben

van een vuurwapen mogen aan elkaar vuurwapens uitlenen onder de volgende voorwaarden:

1° het betreft alleen vuurwapens van het type dat de ontlener mag voorhanden hebben en met het oog op een toegelaten activiteit

op basis van het document waarvan hij houder is;

2° de vuurwapens mogen slechts worden uitgeleend voor de duur van de activiteit waarvoor ze worden geleend en voor het vervoer

van en naar de plaats waar die plaatsvindt;

3° de vuurwapens mogen alleen worden voorhanden gehouden, gedragen en gebruikt op de plaats waar de activiteit waarvoor ze

worden ontleend, plaatsvindt;

4° de ontlener kan een door de uitlener ondertekend schriftelijk akkoord voorleggen, evenals een kopie van het in de bepaling

onder 1° bedoeld document, behalve indien de uitlener aanwezig is.]

ingevoegd door art. 10 W. 25.VII.2008

Art. 13. Indien blijkt dat het voorhanden hebben van de in artikel 12 bedoelde wapens de openbare orde kan

verstoren, kan de gouverneur bevoegd voor de verblijfplaats van de betrokkene [en de Minister van Justitie indien

het een persoon zonder verblijfplaats in België betreft] het recht om het wapen voorhanden te hebben bij een met

redenen omklede beslissing beperken, schorsen of intrekken. Dit doet hij na het advies hebben ingewonnen van de

procureur des Konings van het arrondissement waar de betrokkene zijn verblijfplaats heeft en volgens een procedure bepaald door

de Koning.

De particulier die een vuurwapen heeft verkregen onder de voorwaarden gesteld in artikel 12, is gerechtigd dat wapen na het

vervallen van de geldigheid van het jachtverlof, de sportschutterslicentie of het gelijkwaardig stuk gedurende drie jaar verder

voorhanden te hebben, echter zonder er nog munitie voor voorhanden te mogen hebben. [Het hervatten van de betrokken activiteit

schorst deze periode.]

[Hij beschikt over een periode van een maand om de munitie die hij nog voorhanden houdt onder de voorwaarden bedoeld in

artikel 12, eerste lid, over te dragen aan een erkend persoon of aan persoon die gerechtigd is deze munitie voorhanden te hebben.]

Na deze periode wordt het wapen vergunningsplichtig en wordt artikel 17 toegepast.

Gewijzigd door art. 11 W. 25.VII.2008

Art. 14. Niemand mag een vergunningsplichtig vuurwapen dragen tenzij om een wettige reden en mits hij in het

bezit is van een vergunning tot het voorhanden hebben van het betrokken wapen evenals een

wapendrachtvergunning, verleend door de gouverneur bevoegd voor de verblijfplaats van de verzoeker, na advies

van de procureur des Konings van het arrondissement van de verblijfplaats van de verzoeker. De verzoeker moet een

attest voorleggen van een daartoe door de minister van Justitie erkend arts dat hij geen fysieke of mentale tegenindicaties vertoont

voor het dragen van een vuurwapen.

Indien de verzoeker in België geen verblijfplaats heeft, wordt de wapendrachtvergunning verleend door de minister van Justitie, in

overeenstemming met de procedure voorzien door de wet van 11 december 1998 betreffende de classificatie en de

veiligheidsmachtigingen.

De wapendrachtvergunning wordt verleend voor een duur van ten hoogste drie jaar, zij vermeldt de voorwaarden waarvan het

dragen van het wapen afhankelijk wordt gesteld en moet samen met het wapen worden gedragen.

De overheid die de wapendrachtvergunning heeft verleend, kan ze volgens een procedure bepaald door de Koning bij een met

redenen omklede beslissing beperken, schorsen of intrekken indien blijkt dat het dragen van het wapen de openbare orde kan

verstoren, dat de voorwaarden waarvan het dragen van het wapen afhankelijk wordt gesteld niet worden nagekomen, of dat de

wettige redenen die zijn aangevoerd met het oog op het verkrijgen van de vergunning niet meer bestaan.

Art. 15. [De personen bedoeld in de artikelen 11, §3, 9°, a) en b) en 12 mogen, uitsluitend in het kader van de

beoefening van de jacht, het faunabeheer of het sportschieten, vuurwapens dragen zonder een

wapendrachtvergunning te hebben verkregen, mits ze hiervoor een wettige reden hebben.]

Gewijzigd door art. 12 W. 25.VII.2008

Art. 16. Het opslaan van vergunningsplichtige vuurwapens of munitie mag alleen als daartoe voor de betrokken

hoeveelheid een van de volgende wettige redenen bestaat:

1° het wettig voorhanden hebben van meerdere vuurwapens en een noodzakelijke hoeveelheid munitie daarvoor door de eigenaars

ervan die samenwonen op hetzelfde adres en die de wapens daar opslaan;

2° de wettige activiteiten van erkende personen.

Art. 17. Wanneer een koninklijk besluit genomen ter uitvoering van artikel 3, § 3, 2°, wapens indeelt bij de

vergunningsplichtige wapens, moeten de personen die dergelijke wapens voorhanden hebben, ze laten inschrijven

volgens een procedure bepaald door de Koning. Een vergunning om dergelijke wapens voorhanden te hebben wordt hen

kosteloos uitgereikt.

Hij die een vergunningsplichtig wapen verkrijgt in andere omstandigheden dan die welke zijn bepaald in de artikelen 11 en 12, moet

binnen drie maanden nadat hij het wapen heeft verkregen, een vergunning tot het voorhanden hebben van dit wapen aanvragen.

Hij mag het wapen voorlopig voorhanden hebben totdat over de aanvraag is beslist, behalve indien bij een met redenen omklede

beslissing van de betrokken overheid blijkt dat het voorhanden hebben ervan de openbare orde kan verstoren.

Art. 18. Het wapen moet binnen de termijn bepaald in de beslissing van weigering, schorsing of intrekking

opgeslagen worden bij een erkend persoon of overgedragen worden aan een erkend persoon dan wel aan een

persoon die gemachtigd is het wapen voorhanden te hebben wanneer:

1° een beslissing wordt getroffen, waarbij aan een persoon bedoeld in artikel 17, tweede lid, wordt verboden een dergelijk wapen

voorlopig voorhanden te hebben;

2° de vergunning tot het voorhanden hebben van een dergelijk wapen wordt geweigerd aan een persoon bedoeld in artikel 17;

3° de vergunning of het recht tot het voorhanden hebben van een wapen in overeenstemming met de artikelen 11, § 2, en 13,

eerste lid, wordt geschorst of ingetrokken.

HOOFDSTUK VIII. –Verbodsbepalingen

Art. 19. Het is verboden:

1° [wapens per postorder of via het internet te verkopen of te koop aan te bieden aan particulieren, of de verkoop op afstand van

wapens aan particulieren te organiseren];

2° vuurwapens te verkopen aan particulieren jonger dan 18 jaar;

3° reclame te maken voor verboden wapens;

4° reclame te maken voor vergunningsplichtige wapens of zodanige wapens te koop te stellen zonder op zichtbare wijze aan te

geven dat voor het voorhanden hebben ervan een vergunning is vereist;

5° vuurwapens, niet-vuurwapens die projectielen kunnen afschieten of munitie te koop aan te bieden, te verkopen of over te

dragen op openbare markten, beurzen en andere plaatsen zonder vaste vestiging, behalve in geval van openbare verkopen door

een gerechtsdeurwaarder of notaris onder toezicht van de directeur van de Proefbank voor vuurwapens of van een van de

beambten aangewezen door de minister bevoegd voor de Economie, na advies van de directeur van de proefbank.

De Staat, de politiezones en de gemeenten mogen echter uitsluitend aan erkende wapenhandelaars de individuele bewapening

verkopen van de overheden die in dienst wapens mogen dragen. Vrij verkrijgbare wapens mogen echter […] worden verkocht op

beurzen mits toelating van de minister van Justitie;

6° de nummers van vuurwapens te wissen, te manipuleren of onleesbaar te maken en niet-geregistreerde en niet-genummerde

vuurwapens te verhandelen, te vervoeren, te dragen of op te slaan, behalve bij internationaal vervoer waarbij de wapens op

Belgisch grondgebied niet worden uitgeladen of overgeladen en behalve op weg naar de proefbank voor vuurwapens met het oog

op nummering;

Vergunningsplichtige wapens die verloot worden of als prijs worden uitgereikt, mogen slechts aan de begunstigde worden

overhandigd nadat hij een vergunning voor het voorhanden hebben ervan heeft bekomen.

Gewijzigd door art. 13 W. 25.VII.2008

HOOFDSTUK IX. - De uitbating van schietstanden

Art. 20. Alleen de natuurlijke personen of rechtspersonen die hiertoe in overeenstemming met artikel 5 zijn erkend

mogen een schietstand uitbaten. Zij moeten echter geen beroepsbekwaamheid aantonen. Zij moeten uitbatingvoorwaarden

naleven die betrekking hebben op de interne veiligheid en de organisatie van de schietstand en het toezicht op de schutters.

De Koning bepaalt de uitbatingvoorwaarden op voorstel van de ministers die bevoegd zijn voor Justitie en Binnenlandse Zaken.

Dit artikel is niet van toepassing op de schietstanden die enkel bestemd zijn voor de opleiding of de training van de ambtenaren van

de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht die in overeenstemming met artikel 27, § 1, derde lid, worden

aangeduid.

HOOFDSTUK X. - Het vervoer van vuurwapens

Art. 21. Het vervoeren van vuurwapens is slechts toegelaten aan:

1° houders van een erkenning in overeenstemming met artikel 5 of artikel 6, voor zover de wapens ongeladen zijn;

2° houders van een vergunning tot het voorhanden hebben van een vuurwapen en personen bedoeld in artikel 12, [evenals

vervoerders van vrij verkrijgbare vuurwapens,] voor zover de wapens vervoerd worden tussen hun woonplaats en hun verblijfplaats,

of tussen hun woon- of verblijfplaats en de schietstand of het jachtterrein, of tussen hun woon- of verblijfplaats en een erkende

persoon. Tijdens het vervoer dienen de vuurwapens ongeladen en verpakt te zijn in een afgesloten koffer, of voorzien te zijn van

een trekkerslot of een equivalente beveiliging;

3° houders van een wapendrachtvergunning;

4° personen die uitsluitend met dit doel een erkenning in overeenstemming met artikel 5 hebben verkregen;

5° professionele internationale vervoerders, mits de wapens op Belgisch grondgebied niet worden uitgeladen of overgeladen.

De personen bedoeld in het eerste lid, 4°, moeten geen beroepsbekwaamheid bewijzen, maar voldoen aan alle wettelijke

voorwaarden om beschouwd te kunnen worden als professionele vervoerders.

Internationale vervoerders, die niet voldoen aan het eerste lid, 5°, en die zijn gevestigd in een andere lidstaat van de Europese

Unie, moeten niet worden erkend, maar bewijzen dat zij hun activiteit in de betrokken lidstaat mogen uitoefenen.

Gewijzigd door art. 14 W. 25.VII.2008

HOOFDSTUK XI. - Bepalingen betreffende munitie

Art. 22. § 1. Het is verboden aan particulieren munitie voor vergunningsplichtige vuurwapens te verkopen of over te

dragen, tenzij voor het wapen waarvoor de vergunning bepaald in artikel 11 is verleend en op vertoon van het stuk,

of voor het wapen dat een persoon bedoeld in artikel 12 mag voorhanden hebben en op vertoon van het stuk dat die

hoedanigheid bewijst.

Het is verboden munitie voor vergunningsplichtige vuurwapens te verkopen of over te dragen aan personen in het bezit van een

vergunning die niet geldig is voor de aankoop van munitie.

Particulieren die niet voldoen aan de artikelen 11 of 12 mogen geen munitie voor vergunningsplichtige vuurwapens voorhanden

hebben.

De bepalingen van de vorige leden zijn ook van toepassing op de patroonhulzen en de projectielen, tenzij zij onbruikbaar gemaakt

zijn.

§ 2. Het is verboden te vervaardigen, te verkopen, op te slaan of voorhanden te hebben:

1° indringende, brandstichtende of ontploffende munitie;

2° opensplijtende munitie voor pistolen en revolvers;

3° projectielen voor deze munitie.

§ 3. Een koninklijk besluit mag de bepalingen van §§ 1 en 2 uitbreiden tot munitie of projectielen van twijfelachtig model.

HOOFDSTUK XII. – Strafbepalingen

Art. 23. Zij die de bepalingen van deze wet of haar uitvoeringsbesluiten [evenals de in artikel 47 bedoelde wet]

overtreden, worden gestraft met gevangenisstraf van één maand tot vijf jaar en met een geldboete van 100 euro tot

25 000 euro, of met een van deze straffen alleen.

Met dezelfde straffen worden gestraft zij die wetens onjuiste verklaringen hebben afgelegd om de erkenningen of vergunningen

bedoeld door deze wet of door de besluiten tot uitvoering ervan te verkrijgen, alsook de personen die van deze verklaringen gebruik

maken.

Indien de in het eerste lid bedoelde inbreuken worden gepleegd door een overeenkomstig artikel 5 erkend persoon of ten aanzien

van een minderjarige, wordt het vastgestelde strafminimum op een gevangenisstraf van een jaar gebracht.

Onverminderd de toepassing van artikel 8, tweede lid, wordt de verbeurdverklaring uitgesproken in overeenstemming met artikel 42

van het Strafwetboek. Het staat de rechter echter vrij ze niet uit te spreken in geval van inbreuk op de krachtens artikel 35, 7°,

genomen reglementaire bepalingen.

Gewijzigd door art. 15 W. 25.VII.2008

Art. 24. Wapens die op grond van artikel 42 van het Strafwetboek verbeurd zijn verklaard, worden met het oog op

vernietiging ter hand gesteld aan de directeur van de proefbank of aan zijn vertegenwoordiger. De kosten van de

bewaring en het vervoer van de wapens tot op de plaats van vernietiging en de vernietiging zelf komen ten laste van de

veroordeelde.

Met toestemming van de minister bevoegd voor Justitie kan de directeur van de proefbank beslissen de verbeurdverklaarde wapens

op grond van historische, wetenschappelijke of didactische redenen niet te vernietigen. [De wapens worden dan toegevoegd aan de

collectie van een door de minister aangeduid openbaar museum, wetenschappelijke instelling of politiedienst].

Gewijzigd door art. 16 W. 25.VII.2008

Art. 25. Bij herhaling kunnen de overeenkomstig artikel 5 erkende personen veroordeeld worden tot de tijdelijke of

definitieve sluiting van hun onderneming.

Art. 26. Al de bepalingen van Boek I van het Strafwetboek, waarvan bij deze wet niet wordt afgeweken, zijn van

toepassing op de inbreuken voorzien bij deze wet en haar uitvoeringsbesluiten.

HOOFDSTUK XIII. – Uitzonderingsbepalingen

Art. 27. § 1. De bepalingen van deze wet zijn niet van toepassing op de bestellingen van wapens of van munitie voor

de Staat of voor de openbare besturen en de publiekrechtelijke musea, op de in, uit- en doorvoer van wapens,

munitie en speciaal voor militair gebruik of voor ordehandhaving dienstig materieel en de daaraan verbonden

technologie, evenals de technologie voor dubbel gebruik.

Zij zijn evenmin van toepassing op de ambtenaren van het openbaar gezag of van de openbare macht, die een wapen dat tot hun

voorgeschreven uitrusting behoort, in dienst dragen of voor de dienst voorhanden hebben.

De diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht waartoe deze ambtenaren behoren worden aangeduid door de

Koning bij in Ministerraad overlegd besluit.

§ 2. [In afwijking van § 1 zijn het gebruik, het opslaan, het verkopen, de verwerving en het verstrekken van de

wapens bedoeld in artikel 3, § 1, 1°, 4° en 18° door de Staat of de overheidsbesturen, verboden.]

Het bovenvermelde verbod heeft geen betrekking op het gebruik, het opslaan, het verwerven of het verstrekken van deze wapens

in het kader van de opleiding of bijscholing van specialisten en militairen die deelnemen aan operaties die tot doel hebben de

gevaren te beperken in gebieden waar mijnen liggen, die mijnen op te ruimen of onschadelijk te maken.

Binnen drie jaar te rekenen van de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad, vernietigen de Staat of de openbare

besturen de bestaande stock van submunitie of soortgelijke mechanismen.

[Binnen drie jaar, te rekenen van de bekendmaking van de wet van 11 mei 2007 tot aanvulling van de wapenwet, die het verbod op

wapensystemen met verarmt uranium betreft, in het Belgisch Staatsblad, vernietigen de Staat of de openbare besturen de

bestaande stock van inerte munitie en bepantsering die verarmd uranium of elk ander industrieel uranium bevatten.]

Eerste lid vervangen door artikel 3, eerste lid, 1° Wet van 11 mei 2007 tot aanvulling van de wapenwet, die betreft het verbod op

wapensystemen met verarmd uranium, B.S., 20 juni 2007

Laatste lid toegevoegd door artikel 3, eerste lid, 2° Wet van 11 mei 2007 tot aanvulling van de wapenwet, die betreft het verbod op

wapensystemen met verarmd uranium, B.S., 20 juni 2007

§ 3. De wapens en hulpstukken bedoeld in artikel 3, § 1, 3° en 15°, mogen worden vervaardigd, hersteld, verkocht,

ingevoerd, opgeslagen en vervoerd door erkende wapenfabrikanten die licentiehouder zijn van de betrokken

wapens, met uitsluiting van de tussenpersonen.

Erkende verzamelaars en musea mogen ze aankopen, invoeren en voorhanden hebben op voorwaarde dat ze definitief

geneutraliseerd zijn. Automatische vuurwapens mogen echter in originele staat worden aangekocht, ingevoerd en voorhanden

gehouden door erkende verzamelaars en musea, die er de slagpin moeten uit verwijderen en ze bewaren op de wijze bepaald door

de Koning.

[§ 4. De in artikel 3, §1, 5°, 6°, 7°, 12°, 13° en 14°, bedoelde wapens, mogen door erkende verzamelaars worden

voorhanden gehouden, verworven of ingevoerd, op voorwaarde dat ze in overeenstemming met de reglementaire

bepalingen ter zake worden bewaard zoals vuurwapens.

Een erkenning als verzamelaar van uitsluitend deze wapens kan worden verkregen in overeenstemming met artikel 6, §1, opdat ze

worden gelijkgesteld met vuurwapens.]

§4 ingevoegd door art. 17 W. 25.VII.2008

HOOFDSTUK XIV. - Het toezicht op de naleving van de wet

Art. 28. § 1. In geval van gevaar voor de openbare orde of voor de fysieke integriteit van personen, dat ze concreet

moeten aanwijzen, kan de burgemeester of de gouverneur de sluiting of ontruiming gelasten van winkels of

opslagplaatsen van wapens of munitie en deze doen overbrengen naar een door hem aangewezen plaats.

De Staat vergoedt de eigenaar van de weggeruimde wapens en munitie in geval deze hem niet konden teruggegeven worden of

mochten beschadigd zijn.

§ 2. In geval van gevaar voor de openbare orde of voor de fysieke integriteit van personen, dat ze concreet moeten

aanwijzen, kunnen officieren van gerechtelijke politie en officieren van administratieve politie bovendien wapens,

munitie en de in deze wet genoemde erkenningen en vergunningen […] in beslag nemen. Een ontvangstbewijs

dient te worden afgeleverd en de rechten van derden dienen te worden gevrijwaard.

Ze oefenen deze bevoegdheid uit in afwachting van een beslissing tot intrekking, schorsing of beperking ter zake van de plaatselijk

bevoegde gouverneur, die van hen onverwijld de daartoe nodige informatie ontvangt. De gouverneur beslist [binnen de drie

maanden] van de uitreiking van het ontvangstbewijs, zoniet worden de in beslag genomen voorwerpen vrijgegeven en worden de

erkenningen en vergunningen teruggegeven, onder voorbehoud van elk gerechtelijk beslag.

[Het beslag en de beslissing van de gouverneur kunnen ook betrekking hebben op vrij verkrijgbare vuurwapens die projectielen

afschieten.]

§2, tweede lid gewijzigd door art. 18 W. 25.VII.2008

§2, derde lid ingevoegd door art. 18 W. 25.VII.2008

§ 3. De overheden bevoegd voor de toepassing van deze wet sturen elkaar onverwijld alle informatie waarover ze

beschikken, die noodzakelijk of nuttig is in het kader van de uitoefening van hun respectieve bevoegdheden en die

niet krachtens bijzondere wettelijke bepalingen worden beschermd met geheimhouding.

Art. 29. § 1. De inbreuken op deze wet en haar uitvoeringsbesluiten worden opgespoord en vastgesteld door:

1° de leden van de federale politie, de lokale politie en de douane;

2° de directeur van de proefbank voor vuurwapens en de personen aangewezen door de minister bevoegd voor Economie;

3° de inspecteurs en controleurs van springstoffen en de ambtenaren van het bestuur Economische Inspectie.

Voor de uitvoering van hun opdracht mogen zij:

1° zich te allen tijde toegang verschaffen tot alle plaatsen waar de erkende personen hun activiteiten uitoefenen;

2° zich alle documenten, stukken, registers, boeken en voorwerpen, die zich in die plaatsen bevinden of die hun activiteiten

betreffen, doen voorleggen.

Artikel 29, §1, tweede lid 1° werd vernietigd door het Grondwettelijk Hof bij arrest nr. 145/2007 van 19 december 2007 (B.S., 23

januari 2008)

§ 2. De officieren van gerechtelijke politie doen, met in acht name van de onschendbaarheid van de privéwoning, op

verzoek van de gouverneur of op eigen initiatief een regelmatige preventieve controle van de activiteiten

uitgeoefend door de erkende personen en van het effectief voorhanden houden van vuurwapens door particulieren

die daartoe een vergunning, of in overeenstemming met artikel 12 het recht hebben en van de omstandigheden

waaronder dit gebeurt.

De [federale] politie is in het bijzonder belast met het toezicht op de wapenhandelaars en de wapenfabrikanten.

Gewijzigd door art. 19 W. 25.VII.2008

HOOFDSTUK XV. - Diverse bepalingen

Art. 30. Beroep staat open bij de minister van Justitie of bij zijn gemachtigde in geval van het ontbreken van een

beslissing van de gouverneur binnen de in artikel 31 bedoelde termijnen, of tegen de beslissingen van de

gouverneur tot weigering, beperking, schorsing of intrekking van een erkenning, een vergunning of een recht,

behalve tegen beslissingen betreffende onontvankelijke aanvragen.

Op straffe van non-ontvankelijkheid wordt het gemotiveerd verzoekschrift aangetekend verzonden aan de federale wapendienst

uiterlijk vijftien dagen na vaststelling dat er geen beslissing werd genomen binnen de in artikel 31 bedoelde termijnen of na

kennisname van de beslissing van de gouverneur, vergezeld van een kopie van de bestreden beslissing. De uitspraak wordt gedaan

binnen zes maanden na de ontvangst van het verzoekschrift.

Art. 31. De gouverneur doet uitspraak:

1° over de aanvragen om erkenning in overeenstemming met de artikelen 5, 6, 20 en 21, binnen vier maanden na de ontvangst

ervan;

2° over de aanvragen om een vergunning in overeenstemming met de artikelen 11, 14 en 17, binnen vier maanden na de ontvangst

ervan.

De in deze wet voorgeschreven termijnen waarbinnen de gouverneur of de minister van Justitie een beslissing moeten nemen,

kunnen, op straffe van nietigheid, alleen worden verlengd bij gemotiveerde beslissing. [De verlenging kan per aanvraag slechts

eenmaal worden toegestaan en de termijn ervan mag uiterlijk zes maanden bedragen.]

Gewijzigd door art. 20 W. 25.VII.2008

[Art. 32. De in deze wet bedoelde erkenningen en vergunningen, met uitzondering van de wapendrachtvergunning,

worden afgegeven voor onbepaalde duur, tenzij de aanvraag slechts voor een bepaalde duur was gedaan of de

gouverneur of de Minister van Justitie een beperkte geldigheidsduur opleggen bij gemotiveerde beslissing om

redenen van vrijwaring van de openbare orde.

Eens per vijf jaar neemt de gouverneur het initiatief om bij alle houders van de in deze wet bedoelde erkenningen en vergunningen,

met uitzondering van de wapendrachtvergunning, te onderzoeken of zij de wet naleven en zij nog steeds voldoen aan de

voorwaarden voor het verkrijgen van deze vergunningen en erkenningen.

Hierbij vraagt de gouverneur het advies van de lokale politie en eventueel van het Openbaar Ministerie en dienen de houders van

erkenningen en vergunningen te verklaren of kunnen zij doen vaststellen dat zij nog steeds beantwoorden aan de in artikel 11, §3,

2° tot 5°, 8° en 9° of artikel 11/1 bedoelde voorwaarden, mede op grond waarvan de erkenning of vergunning voorheen werd

afgeleverd en dat er geen redenen zijn om te besluiten tot een beperking, schorsing of intrekking van deze documenten.

Indien blijkt dat het voorhanden hebben van het wapen de openbare orde kan verstoren of een bedreiging vormt voor de fysieke

integriteit van personen of de wettige reden ingeroepen om de vergunning te bekomen niet meer bestaat, kan de gouverneur

bevoegd voor de verblijfplaats van de betrokkene de vergunning volgens een door de Koning bepaalde procedure bij een met reden

omklede beslissing beperken, schorsen of intrekken na het advies te hebben ingewonnen van de procureur des Konings die

bevoegd is voor deze verblijfplaats.]

artikel 32 vervangen door art. 21 W. 25.VII.2008

Laatste lid toegevoegd door artikel 2 van de wet van 9 januari 2007 tot wijziging van de wet van 8 juni 2006 houdende regeling van

economische en individuele activiteiten met wapens, B.S., 1 februari 2007

Art. 33. De bepalingen met betrekking tot de vuurwapens zijn ook van toepassing op de losse onderdelen die aan de

wettelijk voorgeschreven proef zijn onderworpen, alsook op hulpstukken, die, aangebracht op het vuurwapen, tot

gevolg hebben dat het wapen in een andere categorie wordt ondergebracht.

Art. 34. […] Opgegeven door art. 22 W. 25.VII.2008

Art. 35. De Koning:

1° bepaalt de veiligheidsvoorwaarden waaraan het opslaan, het vervoeren, het voorhanden hebben en het verzamelen van wapens

of munitie zijn onderworpen;

2° bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de voorwaarden voor de afgifte van de in deze wet bedoelde

documenten en hun vorm;

3° regelt, met het oog op de opspoorarbeid ervan en rekening houdend met waarborgen ter zake die voor ingevoerde wapens al

mochten zijn verstrekt in andere lidstaten van de Europese Unie, de nummering van vuurwapens en onderdelen van vuurwapens

onderworpen aan de wettelijke proef;

4° stelt een deontologische code voor de erkende wapenhandelaars vast, waarin vooral de informatieplichten ten opzichte van de

klant worden gepreciseerd;

5° bepaalt de voorwaarden waaronder de wapens vrijwillig of na een beslissing van de rechter kunnen worden vernietigd, alsook de

certificaten van vernietiging van de afgeleverde wapens;

6° bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de voorwaarden voor en de wijze van de registratie van de

wapens door de erkende personen en in het Centraal Wapenregister, evenals van de afgifte van de Europese vuurwapenpas;

7° bepaalt de maatregelen ter vaststelling van het verkrijgen, de verkoop, de overdracht van vuurwapens en munitie en het

voorhanden hebben van vuurwapens;

8° bepaalt de in artikel 28, § 2, bedoelde procedure betreffende het voorlopig administratief beslag op wapens, munitie,

erkenningen en vergunningen.

[HOOFDSTUK 16. - De Federale Wapendienst en de Adviesraad voor wapens

Opschrift vervangen door art. 23 W. 25.VII.2008

Art. 36. Bij de minister van Justitie wordt een federale wapendienst opgericht, die:

1° hem adviseert betreffende de richtlijnen die hij in overleg met de minister van Binnenlandse Zaken aan de gouverneurs geeft in

het kader van de uitoefening van hun bevoegdheden krachtens deze wet;

2° zich bezighoudt met de organisatie van het examen betreffende beroepsbekwaamheid voor de wapenhandelaars, met de

concrete uitwerking van de theoretische en praktische proeven door de gouverneurs op te leggen krachtens deze wet en met de

opstelling van de lijst van erkende artsen bedoeld in artikel 14, eerste lid;

3° overleg pleegt met de verschillende betrokken sectoren en overheden en hem voorstellen doet betreffende besluiten en

maatregelen te nemen in uitvoering van deze wet.

De Koning bepaalt de samenstelling en de werkwijze van de federale wapendienst en de voorwaarden waaronder hij toegang heeft

tot het centraal wapenregister.

Art. 37. Een Adviesraad voor wapens wordt opgericht, waarin de betrokken sectoren en overheden

vertegenwoordigd zijn. De Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in Ministerraad overlegd besluit, bepaalt

de werkwijze van deze Adviesraad.

De minister van Justitie kan de Adviesraad raadplegen over elke voorgenomen wijziging aan deze wet, evenals over elk ontwerp van

uitvoeringsbesluit ervan. Het advies van de Raad is vereist over de ontwerpen van besluit genomen ter uitvoering van de volgende

punten van artikel 35 : het 1°, het 2° […], het 3°, het 4°, het 6° en het 7°.

Hij is samengesteld als volgt, uit leden en plaatsvervangers:

- een vertegenwoordiger van de federale wapendienst als voorzitter;

- een vertegenwoordiger van de proefbank;

- een vertegenwoordiger van het centraal wapenregister;

- een Nederlandstalige vertegenwoordiger en een Franstalige vertegenwoordiger van verenigingen representatief voor de

wapenhandel;

- een Nederlandstalige vertegenwoordiger en een Franstalige vertegenwoordiger van de wapenmusea;

- twee vertegenwoordigers van verenigingen van wapenfabrikanten;

- een Nederlandstalige vertegenwoordiger en een Franstalige vertegenwoordiger van de verzamelaars;

- een vertegenwoordiger van de Franstalige schuttersfederaties;

- een vertegenwoordiger van de Nederlandstalige schuttersfederaties;

[- een vertegenwoordiger van de Duitstalige schuttersfederaties;]

- een Franstalige vertegenwoordiger van de jacht;

- een Nederlandstalige vertegenwoordiger van de jacht;

- een vertegenwoordiger van de federale politie;

- een vertegenwoordiger van de lokale politie;

- een Franstalige vertegenwoordiger en een Nederlandstalige vertegenwoordiger van de gouverneurs;

- Een Nederlandstalig en een Franstalig vertegenwoordiger van onafhankelijke verenigingen of organisaties die een daadwerkelijke

ervaring kunnen aanvoeren in verband met het omgaan met en het voorkomen van problemen inzake het bezit en gebruik van

lichte wapens.

Deze vertegenwoordigers worden benoemd door de Koning, op voorstel van de betrokken verenigingen en ministers.

Gewijzigd door art. 24 W. 25.VII.2008

HOOFDSTUK XVII. – Wijzigingsbepalingen

Art. 38. Artikel 31, 6°, van het Strafwetboek wordt vervangen als volgt:

« 6° een wapen of munitie te vervaardigen, te wijzigen, te herstellen, over te dragen, voorhanden te hebben, te dragen, te

vervoeren, in, uit, of door te voeren, of te dienen in de Krijgsmacht. »

Art. 39. In de artikelen 198, 199 en 202, eerste lid, van het Strafwetboek worden de woorden « een machtiging om

wapens te dragen » vervangen door de woorden « een document bedoeld in de wapenwet ».

Art. 40. Artikel 14 van de wet van 24 mei 1888 houdende regeling van de toestand van de proefbank voor

vuurwapens gevestigd te Luik wordt vervangen als volgt:

« De ministers van Economische Zaken en van Justitie zullen de vereiste controle- en toezichtmaatregelen voorschrijven. »

Art. 41. Artikel 8, § 2, eerste en tweede lid, van de wet van 10 april 1990 tot regeling van de private en bijzondere

veiligheid wordt vervangen als volgt:

In afwijking van de artikelen 11, 13 en 14 van de wapenwet worden de vergunningen tot het voorhanden hebben en tot het dragen

van wapens uit hoofde van de ondernemingen, diensten en personen bedoeld in deze wet, onder de voorwaarden bepaald door

deze wet, en de door de Koning bepaalde bijkomende voorwaarden, en volgens een door hem te bepalen procedure, verleend,

beperkt, geschorst of ingetrokken door de minister van Binnenlandse Zaken.

Onverminderd de bepalingen, bedoeld in artikel 29 van de wapenwet, worden de inbreuken door de ondernemingen, diensten en

personen, bedoeld in deze wet op en in uitvoering van de bepaling, bedoeld in het vorige lid, opgespoord en vastgesteld door de

personen bedoeld in artikel 16 van deze wet.

Art. 42. In artikel 13.5 van de wet van 10 april 1990 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid worden de

woorden « in afwijking van artikel 4, eerste lid, van de wet van 3 januari 1933 op de vervaardiging van, den handel

in en het dragen van wapens en den handel in munitie » vervangen door de woorden « in afwijking van artikel 3,

§1, 10°, van de wapenwet ».

Art. 43. Artikel 1bis van de wet van 29 juli 1934 waarbij de private milities verboden worden, wordt vervangen als

volgt:

« Desgelijks is verboden:

1° het optreden in het openbaar van private personen in groep die, hetzij door de door hen gehouden oefeningen, hetzij door het

uniform of de uitrustingsstukken die zij dragen het voorkomen van militaire troepen hebben;

2° het houden van of de deelname aan collectieve oefeningen, al dan niet met wapens, bestemd om particulieren in het gebruik van

geweld te onderrichten;

De bepaling bedoeld in het eerste lid is van toepassing noch op de oefeningen die uitsluitend beoefend worden in het kader van een

door de gemeenschapsoverheden erkende sport, noch op in het kader van de wet tot regeling van de private en bijzondere

veiligheid daartoe erkende opleidingsinstellingen.

De bepaling, bedoeld in het eerste lid, 1°, is niet van toepassing op de groepen die uitsluitend een liefdadig doel beogen. »

HOOFDSTUK XVIII. – Overgangsbepalingen

Art. 44. § 1. Eenieder die op de datum van inwerkingtreding van deze wet zonder titel een wapen of munitie

voorhanden heeft waarvoor krachtens de wet van 3 januari 1933 op de vervaardiging van, de handel in en het

dragen van wapens en op de handel in munitie echter een vergunning tot het voorhanden hebben van een verweerof

een oorlogswapen was vereist, kan daarvoor [uiterlijk op 31 oktober 2008] en in overeenstemming met een door

de Koning te bepalen procedure de nodige vergunning aanvragen zonder voor dit misdrijf te kunnen worden

vervolgd, voor zover het betrokken wapen niet wordt gezocht of staat geseind.

[In afwachting van de beslissing om de vergunning al dan niet af te leveren, in overeenstemming met de in deze wet voorziene

bepalingen, geldt de aanvraag voor een vergunning als voorlopige vergunning.]

§ 2. Eenieder die op de datum van de inwerkingtreding van deze wet een vuurwapen voorhanden heeft dat

krachtens deze wet vergunningsplichtig is geworden, moet daarvan [uiterlijk op 31 oktober 2008] aangifte doen bij

de gouverneur bevoegd voor zijn verblijfplaats, door bemiddeling van de lokale politie. Indien de betrokkene houder

is van een jachtverlof of een sportschutterslicentie wordt het wapen automatisch op zijn naam geregistreerd. Indien dit niet

het geval is, wordt hem een vergunning uitgereikt mits hij meerderjarig is en geen veroordelingen heeft opgelopen zoals bedoeld in

artikel 5, § 4. [Bovendien mogen er geen redenen van openbare orde bestaan, die zouden kunnen leiden tot de intrekking van de

vergunning.]

[In afwachting van de beslissing om de vergunning al dan niet af te leveren, in overeenstemming met de in deze wet voorziene

bepalingen, geldt de aanvraag voor een vergunning als voorlopige vergunning.]

Ingeval het vergunningsplichtige geworden wapen na 1 januari 2006 werd verworven, wordt de vergunning voorlopig uitgereikt,

voor de duur van één jaar.

Overgangstermijnen in §1 en §2 verlengd door Wet van 23 november 2007 tot wijziging van de wet van 8 juni 2006 houdende

regeling van economische en individuele activiteiten met wapens teneinde de termijn voor de aangifte van wapenbezit te verlengen,

B.S., 31 december 2007

Gewijzigd door art. 25 W. 25.VII.2008

Art. 45. § 1. Eenieder die op de datum van inwerkingtreding van deze wet een verboden wapen of een wapen of

munitie bedoeld in artikel 44, § 1, bezit, kan hiervan [uiterlijk op 31 oktober 2008] bij de lokale politiedienst van

zijn keuze zonder vervolgd te worden op basis van deze wet en anoniem afstand doen voor zover het betrokken

wapen niet wordt gezocht of staat geseind. De Koning regelt deze procedure, alsook de indiening en vernietiging

van deze wapens.

§ 2. De particulieren die op de datum van inwerkingtreding van deze wet een automatisch vuurwapen voorhanden

hebben, moeten [uiterlijk op 31 oktober 2008] hetzij dit wapen door de proefbank voor vuurwapens onomkeerbaar

laten ombouwen tot een halfautomatisch wapen of laten neutraliseren, hetzij het overdragen aan een erkende

wapenhandelaar, tussenpersoon, verzamelaar of persoon bedoeld in artikel 6, § 2, hetzij er afstand van doen bij de

lokale politie van hun verblijfplaats.

§ 3. De personen die op de datum van inwerkingtreding van deze wet houder zijn van een vergunning tot het

voorhanden hebben van een wapen dat krachtens deze wet verboden wordt, moeten dit wapen uiterlijk op [31

oktober 2008] hetzij door de proefbank voor vuurwapens onomkeerbaar laten ombouwen of neutraliseren tot een

niet-verboden wapen, hetzij het overdragen aan een persoon die gerechtigd is het voorhanden te hebben, hetzij er

afstand van te doen bij de lokale politie van hun verblijfplaats tegen een billijke vergoeding vast te stellen door de

minister van Justitie.

Overgangstermijnen in §1, §2 en §3 verlengd door Wet van 23 november 2008 tot wijziging van de wet van 8 juni 2006 houdende

regeling van economische en individuele activiteiten met wapens teneinde de termijn voor de aangifte van wapenbezit te verlengen,

B.S., 31 december 2007

HOOFDSTUK XIX. – Slotbepalingen

Art. 46. Deze wet wordt ook « Wapenwet » genoemd.

Art. 47. De wet van 3 januari 1933 op de vervaardiging van, de handel in en het dragen van wapens en op de handel

in munitie, gewijzigd bij de wetten van 30 januari en 5 augustus 1991, 9 maart 1995, 24 juni 1996, 18 juli 1997, 10

januari 1999 en 30 maart 2000, wordt opgeheven […].

Gewijzigd door art. 26 W. 25.VII.2008

Art. 48. De uitvoeringsbesluiten van de wet bedoeld in artikel 47 blijven geldig als uitvoeringsbesluiten van deze

wet tot ze worden vervangen en mits ze niet in tegenstrijd zijn met deze wet.

De vergunningen tot het voorhanden hebben van wapens afgegeven of gewijzigd met de inning van rechten en retributies

krachtens de wet bedoeld in artikel 47, sinds meer dan vijf jaar voor de inwerkingtreding van deze bepaling, zijn vervallen indien de

hernieuwing ervan niet [uiterlijk op 31 oktober 2008] is aangevraagd bij de bevoegde overheid.

De erkenningen afgegeven of gewijzigd met de inning van rechten en retributies krachtens de wet bedoeld in artikel 47, sinds meer

dan vijf jaar voor de inwerkingtreding van de artikelen 5 tot 7, 20 en 21, zijn vervallen indien de hernieuwing ervan niet is

aangevraagd bij de bevoegde overheid [uiterlijk op 31 maart 2009].

De wapendrachtvergunningen afgegeven of gewijzigd met de inning van rechten en retributies krachtens de wet bedoeld in artikel

47, sinds meer dan drie jaar voor de inwerkingtreding van artikel 14, zijn vervallen indien de hernieuwing ervan niet is aangevraagd

bij de bevoegde overheid binnen twaalf maanden na deze inwerkingtreding.

Artikel 31 is niet van toepassing op de hernieuwingen bedoeld in dit artikel.

Overgangstermijnen in §1, §2 en §3 verlengd door Wet van 23 november 2007 tot wijziging van de wet van 8 juni 2006 houdende

regeling van economische en individuele activiteiten met wapens teneinde de termijn voor de aangifte van wapenbezit te verlengen,

B.S., 31 december 2007.

Termijn erkenningen verlengd door art. 27 W. 25.VII.2008

Art. 49. De Koning bepaalt bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad de dag waarop de artikelen 4 tot

7, 14, 16 tot 18, 20, 21, 25 en 30 tot 32 van deze wet in werking treden. [De artikelen die nog niet in werking

getreden zijn op 1 juli 2008, treden in werking op 1 september 2008, met uitzondering van artikel 4, dat in werking

treedt op 1 januari 2010.

Alle andere artikelen treden in werking op de dag waarop ze in het Belgisch Staatsblad worden bekendgemaakt.

Gewijzigd door art. 28 W. 25.VII.2008

HOOFDSTUK 20. – […]Retributies

Hoofdstuk ingevoegd bij art. 351 e.v. Programmawet van 27 december 2006, B.S., 28 december 2007

Opschrift gewijzigd door art. 29 W. 25.VII.2008

Art. 50. Met het oog op de afgifte van de erkenningen evenals [de in artikel 48 bedoelde eventuele hernieuwing

ervan, worden de te betalen] retributies als volgt vastgesteld:

1° indien ze betrekking hebben op een erkenning als wapenhandelaar of als tussenpersoon: een bedrag van tweemaal 300 euro;

2° indien ze uitsluitend betrekking hebben op het vervaardigen, opslaan, verhandelen van of makelen in munitie: een bedrag van

tweemaal 200 euro;

3° indien ze uitsluitend betrekking hebben op het bronzen, graveren of versieren van vergunningsplichtige wapens of vrij

verkrijgbare wapens: een bedrag van tweemaal 150 euro;

4° indien ze betrekking hebben op een erkenning van een museum of van een verzameling van vergunningsplichtige vuurwapens

en munitie hiervoor: een bedrag van tweemaal 150 euro;

5° indien ze uitsluitend betrekking hebben op een museum of een verzameling van munitie voor vergunningsplichtige vuurwapens:

een bedrag van tweemaal 75 euro;

6° indien ze betrekking hebben op een erkenning voor het uitoefenen van beroepsmatige activiteiten van wetenschappelijke,

culturele of niet-commerciële aard met vuurwapens: een bedrag van tweemaal 150 euro;

7° indien ze betrekking hebben op een schietstand: een bedrag van tweemaal 300 euro;

8° indien ze uitsluitend betrekking hebben op het vervoer van wapens en munitie: een bedrag van tweemaal 200 euro;

Het ene bedrag dient te worden betaald bij het indienen van de aanvraag, het andere bedrag bij de afgifte van het getuigschrift van

erkenning.

Gewijzigd door art.30 W. 25.VII.2008

Art. 50/1. Met het oog op de vergoeding van de in artikel 32 bedoelde controles zijn de te betalen retributies die

eenmaal per vijf jaar moeten worden betaald de in de artikelen 50 en 51 bedoelde bedragen.

Ingevoegd door art. 31 W. 25.VII.2008

Art. 51. Onder voorbehoud van artikel 17, worden de […]retributies die moeten worden betaald bij de aanvraag

evenals bij de hernieuwing van de in de wet bedoelde vergunningen, als volgt vastgesteld:

1° voor alle vergunningen tot het voorhanden hebben van een vergunningsplichtig wapen op naam van dezelfde persoon: een

forfaitair bedrag van 85 euro];

2° voor een wapendrachtvergunning: een bedrag van 90 euro.

Gewijzigd door art. 32 W. 25.VII.2008

De in het artikel vermelde bedragen worden jaarlijks op 9 december geïndexeerd. De geïndexeerde retributie is verschuldigd voor

aanvragen ingediend na de indexering.

Art. 52. De in de artikelen 50 en 51, 2°, bedoelde […]retributies worden betaald door middel van overschrijving van

het verschuldigde bedrag op de rekening van de wapendienst bij de bevoegde gouverneur, of, in geval van beroep

bij de minister van Justitie, op de rekening van de federale wapendienst, die de ontvangen bedragen na nazicht

doorstort aan de Schatkist.

De in artikel 51, 1°, bedoelde […] retributies worden betaald door middel van overschrijving van het verschuldigde bedrag op de

rekening van de wapendienst bij de bevoegde gouverneur of, in geval van beroep bij de minister van Justitie, op de rekening van de

federale wapendienst, die van de ontvangen bedragen na nazicht [55] euro doorstorten aan de Schatkist en [30] euro aan het

gemeentebestuur van de verblijfplaats van de verzoeker.

Indien de vergunning wordt aangevraagd door een persoon met verblijfplaats in het buitenland, moet de betaling gebeuren op de

rekening van de Veiligheid van de Staat, die de ontvangen bedragen na nazicht doorstort aan de Schatkist.

Gewijzigd door art. 33 en 34 W. 25.VII.2008

Art. 53. Jaarlijks op 9 december worden alle in de artikelen 50, 51 en 52, opgesomde bedragen aangepast aan het

indexcijfer van de consumptieprijzen. De nieuwe bedragen worden verkregen door toepassing van de volgende

formule: basisbedrag vermenigvuldigd met het nieuwe indexcijfer en gedeeld door het aanvangsindexcijfer. Het aanvangsindexcijfer

is het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand november 2006. Het nieuwe indexcijfer is het indexcijfer daartoe

berekend en benoemd, van de maand november voorafgaand aan de aanpassing.

Klik hier voor de geïndexeerde bedragen die nu van toepassing zijn

Art. 54. § 1. In afwijking van het bepaalde in artikel 51, 1°, gelden voor de aanvragen ingediend ten laatste op 30

juni 2007 de volgende bedragen:

1° 65 euro voor één vergunning;

2° 85 euro voor twee vergunningen;

3° 95 euro voor drie vergunningen;

4° 105 euro voor vier of meer vergunningen.

De in het eerste lid bedoelde […] retributies worden betaald door middel van overschrijving van het verschuldigde bedrag op de

rekening van de wapendienst bij de bevoegde gouverneur of, in geval van beroep bij de minister van Justitie, op de rekening van de

federale wapendienst, die van de ontvangen bedragen na nazicht 25 euro doorstorten aan het gemeentebestuur van de

verblijfplaats van de verzoeker, en de rest aan de Schatkist.

Indien de vergunning wordt aangevraagd door een persoon met verblijfplaats in het buitenland, moet de betaling gebeuren op de

rekening van de Veiligheid van de Staat, die de ontvangen bedragen na nazicht doorstort aan de Schatkist.

Gewijzigd door art. 33 W. 25.VII.2008

Art. 55. De in artikel 50 bedoelde bedragen worden met de helft verminderd wanneer een erkenning wordt

aangevraagd en uitgereikt voor een activiteit waarvoor in een andere provincie al een erkenning is verkregen.

De ontvangen[…] retributies worden niet terugbetaald in geval van niet-ontvankelijkheid of afwijzing van de aanvraag, en van

schorsing, intrekking of beperking van de erkenning of vergunning, noch bij de beëindiging van de activiteiten waarop de erkenning

of vergunning betrekking heeft.

Ze zijn slechts eenmaal verschuldigd voor een erkenning of vergunning die betrekking heeft op hetzelfde voorwerp.

Ze zijn niet verschuldigd wanneer het adres vermeld op een erkenning of vergunning moet worden gewijzigd en het nieuwe adres

op hetzelfde grondgebied ligt als dat van de overheid die ze heeft uitgereikt. Adreswijzigingen op vergunningen tot het voorhanden

hebben van een vergunningsplichtig wapen gebeuren gratis.

Bij de uitbreiding van een erkenning of vergunning is slechts het verschil verschuldigd tussen het bedrag betaald bij de

oorspronkelijke aanvraag en uitreiking van dit document, en het bedrag verschuldigd bij een nieuwe aanvraag en een nieuwe

uitreiking van het gewenste document.

Gewijzigd door art. 33 W. 25.VII.2008

Art. 56. De in artikel 51 bedoelde […] retributies zijn niet verschuldigd bij de uitreiking van een vergunning aan:

1° een lid van het openbaar ministerie dat door zijn korpschef behoorlijk is gemachtigd om een kort vuurwapen voorhanden te

hebben of te dragen;

2° een onderzoeksrechter die is gerechtigd een kort vuurwapen voorhanden te hebben of te dragen;

3° het personeel van de veiligheidsdiensten van de instellingen van de NAVO en de Europese Unie.

De in artikel 51, 1°, bedoelde […] retributies zijn niet verschuldigd bij de uitreiking van een vergunning tot het voorhanden hebben

van een vergunningsplichtig vuurwapen, die beperkt blijft tot de aankoop van munitie, aan een lid van een dienst van het openbaar

gezag of van de openbare macht, bedoeld in het koninklijk besluit van 26 juni 2002 betreffende het voorhanden hebben en het

dragen van wapens door de diensten van het openbaar gezag of van de openbare macht, behoorlijk gemachtigd door de bevoegde

overheid van deze dienst om een sportschietstand te bezoeken of deel te nemen aan sportschietcompetities met een reglementair

vergunningsplichtig vuurwapen.

De in artikel 50, 4° en 5°, bedoelde […] retributies zijn niet verschuldigd voor de aanvraag en de uitreiking van een erkenning die

betrekking heeft op het houden van een museum of een verzameling van vergunningsplichtige vuurwapens of van munitie voor die

wapens door een dienst van het openbaar gezag of van de openbare macht bedoeld in het tweede lid, door het Nationaal Instituut

voor Criminalistiek en Criminologie, alsook door elke instelling erkend door de bevoegde overheid voor de opleiding van de leden

van de voormelde diensten.

Gewijzigd door art. 33 W. 25.VII.2008

Art. 57. Dit hoofdstuk is van toepassing op:

1° de erkenningen en vergunningen uitgereikt met toepassing van deze wet sinds haar inwerkingtreding. De niet-betaling van de

rechten en retributies brengt van rechtswege de intrekking van deze documenten met zich mee;

2° de erkenningen en vergunningen uitgereikt met toepassing van de wet van 3 januari 1933 op de vervaardiging van, de handel in

en het dragen van wapens en op de handel in munitie te rekenen vanaf de datum van inwerkingtreding van dit hoofdstuk.

De rechten en retributies in uitvoering van artikel 41 worden geregeld in het kader van artikel 20 van de wet van 10 april 1990 tot

regeling van de private en bijzondere veiligheid.

Art. 58. Dit hoofdstuk treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

De aangepaste

wapenwet 3 de E D I T I E

ARMES-NL-210x200.indd 1 18/09/08 10:54:07

2

ARMES-NL-210x200.indd 2 18/09/08 10:54:54

3

De wapenwet is aangepast:

wat zijn de nieuwigheden?

De wapenwet werd van kracht op de dag van de publicatie ervan in het

Belgisch Staatsblad, op 9 juni 2006, met uitzondering van enkele bepalingen.

Na een tussenkomst van het Grondwettelijk Hof en een evaluatie van de

toepassing van de wet door het Parlement, werd de wet op een aantal

punten aangepast. De nieuwe bepalingen evenals de bepalingen die nog

niet van kracht waren, zijn in werking sinds 1 september 2008.

Deze brochure legt u geval per geval uit welke uw rechten en plichten zijn

als u in het bezit bent van wapens of als u er wenst aan te schaffen, en dit

volgens meerdere concrete hypotheses.

Voor meer inlichtingen vindt u aan het einde van de brochure ook alle

nuttige adressen.

voorwoord

ARMES-NL-210x200.indd 3 18/09/08 10:54:55

4

U bezit een verboden wapen.............................................................p. 5

Over welke wapens gaat het?..............................................................p. 5

Wat moet u doen?...............................................................................................p. 6

U bezit een automatisch vuurwapen......................................p. 7

Over welke wapens gaat het?..............................................................p. 7

Wat moet u doen?...............................................................................................p. 7

U bezit illegaal een vuurwapen......................................................p. 8

Over welke wapens gaat het?..............................................................p. 8

Wat moet u doen?...............................................................................................p. 8

U bezit een vuurwapen waarvoor u een vergunning

(model 4) heeft.......................................................................................................p. 9

Over welke wapens gaat het?..............................................................p. 9

Wat moet u doen?...............................................................................................p. 9

U bezit een vuurwapen waarvoor geen vergunning

vereist was................................................................................................................p. 11

Over welke wapens gaat het?..........................................................p. 11

Wat moet u doen?...........................................................................................p. 11

U bezit een ander type wapen.....................................................p. 13

inhoudstafel

Over welke wapens gaat het?..........................................................p. 13

Wat moet u doen?...........................................................................................p. 13

U bent houder van een wapendrachtvergunning of

van een erkenning als wapenhandelaar of uitbater

van een erkende schietstand.........................................................p. 14

U erft een vuurwapen..............................................................................p. 14

U wenst een vuurwapen aan te schaffen......................p. 15

U bent jager.............................................................................................................p. 15

U bent sportschutter....................................................................................p. 15

U behoort niet tot deze categorieën of u wenst een

ander wapen aan te schaffen............................................................p. 16

Bijkomende informatie..........................................................................p. 17

ARMES-NL-210x200.indd 4 18/09/08 10:54:55

5

Het bezit van verboden wapens is strafbaar!

Over welke wapens gaat het?

Artikel 3, §1 van de wapenwet somt de verboden

wapens op. Het gaat voornamelijk over wapens die al

verboden waren onder de oude wet:

›› wapens ontworpen voor uitsluitend militair

gebruik, waartoe ook de automatische

vuurwapens behoren (zie verder);

›› spring- en valmessen met slot (ook knipmessen

of stiletto’s genaamd), vlindermessen,

werpmessen, werpsterren (ook shuriken

genaamd), boksbeugels;

›› blanke wapens die uiterlijk gelijken op een

ander voorwerp (bijvoorbeeld een mes

verborgen in een gordel of pen);

›› degenstokken en geweerstokken die geen

historische sierwapens zijn;

›› knotsen en wapenstokken (ook knuppels of

matrakken genaamd);

›› vuurwapens die zijn gewijzigd om ze te kunnen

verbergen, die zijn verborgen in een ander

voorwerp of die niet meer voldoen aan hun

kenmerken als beschreven in de vergunning

ervoor (bijvoorbeeld een geweer met

afgezaagde loop);

›› elektroshockwapens;

›› allerhande spuitbussen (sprays) voor

‘zelfverdediging’;

›› vouwgeweren boven kaliber 20;

›› nunchaku’s (in tegenstelling tot wat velen

denken, bestaat hierop geen uitzondering voor

Oosterse gevechtssporten!);

U bezit

een verboden wapen

ARMES-NL-210x200.indd 5 18/09/08 10:54:59

6

›› geluiddempers (al dan niet gemonteerd op een

vuurwapen), nachtkijkers en andere onderdelen

of hulpstukken die een vuurwapen een

verboden karakter geven;

›› bepaalde munitie (1).

Dolken, dolkmessen en vouwmessen met een

niet-automatisch blokkeermechanisme vallen hier

niet langer onder, maar voor het dragen ervan moet u

een wettige reden hebben.

Wat moet u doen?

Als u een verboden wapen bezit dan moet u het

afgeven vóór 31 oktober 2008. Erkende verzamelaars

mogen bepaalde verboden wapens evenwel

bezitten(2).

Dit kan straffeloos en anoniem voor zover het wapen

niet wordt gezocht De afstand kan gebeuren bij de

lokale politie van uw keuze(3).

In het zeldzame geval dat u een door de vroegere wet

vergund wapen zou bezitten, dat pas nu door de

inwerkingtreding van de wet verboden is geworden,

dan moet u vóór 31 oktober 2008:

›› ofwel het wapen door de proefbank voor

vuurwapens onomkeerbaar laten ombouwen

tot een niet-verboden wapen (waarvoor

u desgevallend een vergunning zal nodig

hebben!) of neutraliseren (het onbruikbaar

maken voor het vuren) (4) ;

›› ofwel het wapen overdragen aan een persoon

die gerechtigd is het te bezitten;

›› ofwel afstand doen van het wapen bij de

lokale politie van uw verblijfplaats tegen een

individueel te bepalen billijke vergoeding(5).

1 zie art. 22 van de wapenwet en het Koninklijk Besluit van 27 februari1997

2 zie art. 27, §4 (nieuw) van de wapenwet.

3 zie art. 45, §1 van de wapenwet.

4 proefbank voor vuurwapens, 45 rue Fond-des-Tawes te 4000 Luik, tel: 04 227 14 55.

5 zie art. 45, §3 van de wapenwet.

ARMES-NL-210x200.indd 6 18/09/08 10:54:59

7

U bezit een automatisch

vuurwapen

Automatische vuurwapens zijn opgenomen in de

categorie verboden wapens.

Over welke wapens gaat het?

Het gaat om alle vuurwapens die, na elk afgevuurd

schot, zich automatisch herladen en die met één druk

op de trekker, een salvo van meerdere schoten

kunnen afvuren.

Wat moet u doen?

Als u een erkende wapenverzameling bezit, dan mag

u het wapen verder behouden op voorwaarde dat u

er de slagpin uit verwijdert en deze apart en achter

slot bewaart.

Zoniet moet u vóór 31 oktober 2008:

›› ofwel het wapen door de proefbank voor

vuurwapens onomkeerbaar laten ombouwen

tot een halfautomatisch wapen, indien dit

technisch mogelijk blijkt, of het daar laten

neutraliseren;

›› ofwel het wapen overdragen aan een erkend

persoon (wapenhandelaar, verzamelaar);

›› ofwel afstand doen van het wapen bij de

lokale politie van uw verblijfplaats(6) tegen een

individueel te bepalen billijke vergoeding.

6 zie art.27, §3 en 45, §2 van de wapenwet.

ARMES-NL-210x200.indd 7 18/09/08 10:55:13

8

Wat moet u doen?

U moet vóór 31 oktober 2008:

›› ofwel het wapen aangeven bij de lokale politie

van uw verblijfplaats en een aanvraag om de

noodzakelijke vergunning doen (de politie

zal het wapen in bewaring houden tot de

gouverneur u een vergunning afgeeft volgens

de nieuwe regels);

›› ofwel het wapen afgeven bij de lokale politie

van uw verblijfplaats.

Dit gebeurt straffeloos en in het geval van afstand

ook anoniem voor zover het wapen niet wordt

gezocht(7).

U bezit illegaal

een vuurwapen

De wet wil bezitters van illegale vuurwapens

maximaal de kans bieden hun wapens te

regulariseren.

Over welke wapens gaat het?

Het gaat om vuurwapens die al onder de oude

wetgeving vergunningsplichtig waren (de

zogenaamde verweerwapens en oorlogswapens).

Voorbeelden:

›› een vuurwapen dat oorspronkelijk vrij

verkrijgbaar was en dat u niet hebt aangegeven

toen het vergunningsplichtig werd, zoals is

gebeurd met de .22 karabijnen (long rifles) en

de riot-guns;

›› een vuurwapen dat u heeft geërfd en dat u nooit

heeft aangegeven;

›› een vuurwapen dat u op zolder heeft gevonden;

›› een vuurwapen dat u niet wenst te behouden,

maar dat u uit angst voor bestraffing nooit

durfde aan te geven.

7 zie art 44 §1 en 45, §1 van de wapenwet.

Nieuwe

wettelijke

bepaling

ARMES-NL-210x200.indd 8 18/09/08 10:55:16

9

U bezit een vuurwapen waarvoor

u een vergunning

(model 4) heeft

Als uw vergunning op dit moment ouder is dan 5 jaar,

te rekenen vanaf haar afgifte of haar laatste betaalde

wijziging, moet u de vernieuwing ervan aanvragen

vóór 31 oktober 2008. Als uw vergunning pas later 5

jaar oud wordt, moet u de vernieuwing ervan pas

aanvragen tegen dat moment.

Eenmaal uw vergunning is vernieuwd, blijft ze geldig

voor onbepaalde duur en moet u zelf geen

vernieuwingen meer vragen. Als er op uw vergunning

een beperking van de geldigheidsduur tot 5 jaar is

aangebracht, dan vervalt die. De gouverneur zal wel

om de 5 jaar een controle doen. Vergunningen met

een kortere geldigheidsduur (bv. 1 jaar) moeten

echter wel worden vernieuwd!

Over welke wapens gaat het?

Vuurwapens die onder de oude wetgeving al

vergunningsplichtig waren (de zogenaamde

verweerwapens en oorlogswapens).

Wat moet u doen?

Er kunnen zich drie concrete situaties voordoen:

1. Uw vergunning is nog geen 5 jaar oud of er werd

minder dan 5 jaar geleden een wijziging op

aangebracht, waarvoor u een belasting heeft

moeten betalen.

In dit geval blijft uw vergunning geldig tot er 5 jaar

verstreken zijn. Vóór die vervaldag moet u de

hernieuwing ervan vragen aan de gouverneur.

Hierbij zal u moeten voldoen aan de nieuwe

wettelijke voorwaarden(8).

8 zie art.11, 32 en 48 van de wapenwet.

Nieuwe

wettelijke

bepaling

ARMES-NL-210x200.indd 9 18/09/08 10:55:16

10

In dit geval blijft uw vergunning geldig zolang u

een jachtverlof of een sportschutterslicentie heeft.

Als u het wapen niet meer wenst te behouden of

niet in aanmerking komt voor de vernieuwing van

uw vergunning volgens de nieuwe voorwaarden,

kan u het wapen ook in bewaring geven, laten

neutraliseren, het overdragen aan een persoon

die gerechtigd is het te bezitten of er afstand van

doen bij de lokale politie van uw verblijfplaats.

2. Uw vergunning is al meer dan 5 jaar oud of de

laatst betaalde wijziging ervan gebeurde meer

dan 5 jaar geleden.

Dit betekent dat u vóór 31 oktober 2008 de

hernieuwing ervan moet aanvragen aan de

gouverneur.

Hierbij zal u moeten voldoen aan de nieuwe

wettelijke voorwaarden(9). U kan ook onmiddellijk

een vergunning voor passief wapenbezit

aanvragen: hiervoor moet u niet aan alle

voorwaarden voldoen, maar u mag geen munitie

bezitten of het wapen gebruiken (zie verder).

3. U bent houder van een geldig jachtverlof(10)

afgegeven door het Vlaams, Brussels of Waals

gewest én u bezit een lang vuurwapen toegelaten

voor de jacht in dat gewest, of u bent houder van

een geldige sportschutterslicentie afgegeven door

een schuttersfederatie erkend door de Vlaamse,

Franse of Duitse Gemeenschap én u bezit een

vuurwapen ontworpen voor de schietsport, dat

voorkomt op de lijst van het ministerieel besluit

van 15 maart 2007.

9 zie art. 11, 32 en 48 van de wapenwet.

10 zie art. 13 van de wapenwet.

Nieuwe

wettelijke

bepaling

ARMES-NL-210x200.indd 10 18/09/08 10:55:21

11

U bezit een vuurwapen

waarvoor geen vergunning

vereist was

Vanaf nu zijn alle vuurwapens (de vroeger

zogenaamde ‘wapens voor wapenrekken’

uitgezonderd) onderworpen aan een vergunning.

Alleen jagers en sportschutters zijn hiervan onder

bepaalde voorwaarden vrijgesteld.

Over welke wapens gaat het?

Vuurwapens die onder de oude wetgeving

behoorden tot de categorie van de zogenaamde

‘jacht- en sportwapens’. Zulk wapen is mogelijk reeds

op uw naam ingeschreven met een bericht van

overdracht (model 9) of een Europese vuurwapenpas.

Dit volstaat echter niet meer.

Wat moet u doen?

U beschikt over een periode tot 31 oktober 2008 om

uw wapen aan te geven bij de lokale politie van uw

verblijfplaats.

Er zijn 3 gevallen mogelijk:

1. U bent houder van een jachtverlof afgegeven door

het Vlaams, Brussels of Waals gewest én u bezit een

lang vuurwapen toegelaten voor de jacht in dat

gewest, of u bent houder van een geldige

sportschutterslicentie afgegeven door een

schuttersfederatie erkend door de Vlaamse, Franse

of Duitse Gemeenschap én u bezit een vuurwapen

ontworpen voor de schietsport, dat voorkomt op

de lijst van het ministerieel besluit van 15 maart

2007.

In dit geval moet u geen vergunning aanvragen en

ontvangt u een nieuw inschrijvingsbewijs dat

geldig blijft zolang u een jachtverlof of een

sportschutterslicentie(11) heeft.

11 zie art. 12, § 1van de wapenwet.

ARMES-NL-210x200.indd 11 18/09/08 10:55:21

12

2. U heeft geen jachtverlof of sportschutterslicentie

en heeft het wapen vóór 2006 in bezit gekregen.

In dit geval moet u een vergunning voor het

wapen aanvragen en u ontvangt in afwachting

daarvan een inschrijvingsbewijs. De gouverneur

zal u automatisch een vergunning afgeven als u

meerderjarig bent, geen veroordelingen hebt

opgelopen en er geen redenen van openbare orde

zijn die het wapenbezit in de weg staan, zonder

dat u al moet voldoen aan de nieuwe

voorwaarden(12) .

3. U heeft geen jachtverlof of sportschutterslicentie

en heeft het wapen in 2006 in bezit gekregen.

In dit geval geldt dezelfde regeling, maar de

vergunning is slechts voor 1 jaar geldig, waarna u

aan de nieuwe voorwaarden zal moeten voldoen

om een hernieuwing te verkrijgen(13) . U kunt ook

onmiddellijk een vergunning voor passief

wapenbezit aanvragen: die is niet in de tijd

beperkt maar laat niet toe munitie te bezitten en

het wapen te gebruiken (zie verder).

Uiteraard kunt u het wapen ook in bewaring

geven, laten neutraliseren, het overdragen aan

een persoon die gerechtigd is het te bezitten of er

afstand van doen bij de lokale politie van uw

verblijfplaats.

12 zie art. 44, §2 van de wapenwet.

13 zie art. 44, §2 van de wapenwet.

Nieuwe

wettelijke

bepaling

ARMES-NL-210x200.indd 12 18/09/08 10:55:21

13

U bezit een ander type wapen

Over welke wapens gaat het?

Het gaat om alarmwapens, wapens voor

wapenrekken, seinpistolen, verdovingsgeweren,

slachttoestellen, bogen, kruisbogen, wapens op

lucht-, gas- of veerdruk, paintballwapens,

namaakwapens, niet-verboden messen, zwaarden,

degens, bajonetten, geneutraliseerde wapens,…

Wat moet u doen?

U hoeft niets te doen. De wet wijzigt niets voor u

tenzij uw wapen onder de oude wetgeving reeds

vergunningsplichtig was. In dat geval moet uw

vergunning worden hernieuwd(14).

14 zie voorheen, hoofdstuk “U bezit een vuurwapen waarvoor

u een vergunning (model 4) heeft”.

Nieuwe

wettelijke

bepaling

ARMES-NL-210x200.indd 13 18/09/08 10:55:21

14

U erft een vuurwapen

Wie een vuurwapen erft, moet binnen een termijn

van twee maanden na het wapen in bezit te hebben

gekregen, een vergunning vragen aan de gouverneur.

Jagers en sportschutters zijn hiervan vrijgesteld als ze

het wapen wensen te gebruiken en dit mogen zonder

vergunning (zie verder): voor hen volstaat het dat ze

het wapen door de lokale politie op hun naam laten

registreren met een document model 9.

Wie het geërfde wapen wil gebruiken en er munitie

voor wil bezitten, moet aan alle voorwaarden

voldoen om een vergunning te verkrijgen (zie verder).

Wie het wapen alleen wenst te houden als aandenken

en niet de bedoeling heeft het te gebruiken, kan op

een vereenvoudigde manier een vergunning voor

passief wapenbezit verkrijgen. Daarmee mag u het

wapen houden, maar mag u geen munitie bezitten of

aankopen. Het is dan niet nodig een medisch attest

voor te leggen, te slagen voor proeven en een

wettige reden op te geven voor het wapenbezit(18) .

U bent houder van een wapendrachtvergunning

of van een

erkenning als wapenhandelaar

of uitbater van een erkende

schietstand

Houders van wapendrachtvergunningen mogen niet

uit het oog verliezen dat hun vergunning in de tijd

beperkt is en tijdig moet hernieuwd worden door de

gouverneur. Hiervoor geldt vanaf 1 september 2008

een nieuwe procedure(15) die een medisch attest van

een specialist voorschrijft. Beoefenaars van het

parcoursschieten met een sportschutterslicentie

hebben evenwel geen wapendrachtvergunning meer

nodig.

De erkenningen als wapenhandelaar en de

erkenningen van schietstanden van meer dan 5 jaar

oud of waarvan de laatst betaalde wijziging meer dan

5 jaar geleden gebeurde, moeten worden hernieuwd

volgens een nieuwe procedure(16).

Ook de professionele vervoerders van wapens

moeten voortaan worden erkend(17) .

15 zie art. 14 van de wapenwet

16 zie art. 5 en 20 van de wapenwet.

17 zie art. 21 van de wapenwet.

18 zie art. 11/2 (nieuw) van de wapenwet.

Nieuwe

wettelijke

bepaling

Nieuwe

wettelijke

bepaling

ARMES-NL-210x200.indd 14 18/09/08 10:55:21

15

U wenst een vuurwapen aan te

schaffen

U bent jager

Op voorlegging van een geldig jachtverlof kunt u

onmiddellijk bij de wapenhandelaar of de particuliere

verkoper een lang vuurwapen met een document

model 9 op uw naam laten registreren. Dit kan

evenwel alleen voor een wapen dat voor de jacht is

toegelaten op de plaats waar uw jachtverlof geldt (19).

U bent sportschutter

Op voorlegging van een geldige sportschutterslicentie

kunt u onmiddellijk bij de wapenhandelaar of de

particuliere verkoper een vuurwapen ontworpen

voor het sportschieten met een document model 9

op uw naam laten registreren. Dit kan evenwel alleen

voor een wapen dat voorkomt op de lijst van het

ministerieel besluit van 15 maart 2007(20).

19 zie art. 12, 1° (nieuw) van de wapenwet.

20 Belgisch Staatsblad van 30 maart 2007.

Nieuwe

wettelijke

bepaling

ARMES-NL-210x200.indd 15 18/09/08 10:55:23

16

U behoort niet tot deze categorieën of u

wenst een ander wapen aan te schaffen

In alle overige gevallen zijn de algemene regels(21)

van toepassing. U moet vooraf een vergunning

vragen bij de gouverneur. Die zal de lokale politie

vragen een onderzoek te doen en u vragen:

›› een recent medisch attest bij uw aanvraag te

voegen;

›› deel te nemen aan en te slagen voor een

theoretische en een praktische proef (tenzij u

vrijgesteld bent);

›› te bewijzen dat uw huisgenoten akkoord gaan

met uw wapenbezit;

›› een van de in de wet opgesomde redenen voor

wapenbezit op te geven en te bewijzen dat u

het wapen daarvoor nodig hebt.

Per ingediende aanvraag (ongeacht het aantal

wapens) moet u een bedrag van 85 euro betalen(22).

De vergunning is geldig voor onbepaalde duur, maar

de gouverneur controleert om de vijf jaar of u nog

aan alle voorwaarden voldoet. Hij kan de vergunning

intrekken als u de wet niet naleeft of een gevaar

oplevert.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

copyright @ aab.